Druif 'Vanessa' (Vitis 'Vanessa') vormt rode tot rozerode tafeldruiven met stevig, sappig vruchtvlees en een zoete smaak. De bessen zijn vrijwel pitloos: soms blijven kleine, zachte pitresten voelbaar. De druiven zijn vooral geschikt om vers te eten.
In België valt de oogst doorgaans van eind september tot oktober. Omdat 'Vanessa' vrij laat rijpt, krijgt de plant het best een zonnige, warme en beschutte standplaats, bijvoorbeeld tegen een zuidgerichte muur of langs een pergola. Op koelere plaatsen of tijdens een minder warme zomer kan de rijping trager verlopen.
Deze druivelaar is zelfbestuivend en heeft dus geen tweede ras nodig voor de vruchtzetting. Leid de ranken langs draden of een stevige constructie. Een beperkte zomerontbladering rond de trossen kan de lichtinval en de roodverkleuring verbeteren, maar verwijder niet te veel blad. Zorg voor een diepe, goed doorlatende bodem en vermijd langdurig natte grond.
Snoei tijdens de winter vóór de sapstroom duidelijk op gang komt. In de zomer kunnen overtollige scheuten en bladeren rond de trossen selectief worden verwijderd. Pluk de druiven pas wanneer ze volledig op smaak zijn, want na de oogst rijpen ze niet verder.