Vrijwel pitloze witte druif
Druif ‘Himrod’ wordt vooral geteeld om zijn zoete, sappige vruchten zonder ontwikkelde pitten. De witte druiven zijn geschikt voor verse consumptie, sap en om te drogen. Afhankelijk van de standplaats en het verloop van de zomer rijpen de trossen vanaf de late zomer tot het begin van de herfst.
De bloemen zijn klein en groen. ‘Himrod’ is zelfbestuivend, waardoor één druivelaar vruchten kan dragen. Een warme, zonnige plaats bevordert zowel de rijping als het suikergehalte. In halfschaduw kan de plant groeien, maar rijpen de druiven doorgaans minder gelijkmatig.
Standplaats en verzorging
Leid de ranken langs draden, een muur, pergola of andere stevige ondersteuning. Een beschutte plaats is gunstig voor de rijping. De bodem moet voldoende doorlatend zijn, want langdurig natte grond is voor een druivelaar ongeschikt.
Jaarlijkse snoei houdt de sterke rankgroei beheersbaar en zorgt dat licht en lucht de trossen bereiken. Voer de hoofdsnoei tijdens de winterrust uit, vóór de sapstroom opnieuw op gang komt. In de zomer kunnen overtollige scheuten rond de trossen worden ingekort om de vruchten beter te laten afrijpen.