- All products
- Sierplanten
- Klimplanten
- CLEMATIS ARMANDII
- Klimplanten
Clematis armandii onderscheidt zich van de meeste bosranken door zijn wintergroene blad en vroege bloei. De witte, stervormige bloemen verschijnen doorgaans in maart en april en verspreiden een aangename geur. Het langwerpige, glanzend groene blad blijft in zachte winters aan de plant.
Deze krachtige klimplant kan na enkele jaren meerdere meters hoog worden en heeft een stevige klimsteun nodig. De bladstelen hechten zich rond draden, een latwerk of andere dunne steunpunten. Een open muur zonder klimhulp kan hij niet zelfstandig bedekken.
Kies in België een zonnige tot halfschaduwrijke plaats die beschermd is tegen koude noorden- en oostenwind. Een warme muur biedt extra beschutting. De bodem moet humusrijk en goed doorlatend zijn; langdurig natte grond verhoogt de kans op wortelproblemen. Bij strenge of uitdrogende vorst kan het blad beschadigd raken.
Snoei alleen wanneer de plant te groot wordt of moet worden uitgedund. Doe dit meteen na de bloei, zodat er voldoende tijd overblijft om nieuwe scheuten voor de volgende voorjaarsbloei te vormen.
| Location | Sun, Partial shade |
| Blooming period | March, April, May |
| Flower color | White |
Clematis armandii kan in België buiten groeien, maar is gevoeliger voor strenge vorst dan veel bladverliezende bosranken. Plant hem op een warme, beschutte plaats, bij voorkeur uit koude noorden- en oostenwind. Tegen een zonnige muur profiteert hij van opgeslagen warmte. Tijdens strenge of uitdrogende vorst kunnen bladeren en jonge scheuten beschadigd raken. Een goed ingewortelde plant kan zich daarvan herstellen, maar op koude, open of langdurig natte locaties is deze soort minder betrouwbaar.
In zachte winters behoudt Clematis armandii doorgaans zijn glanzend groene blad. Na strenge vorst of koude, uitdrogende wind kan een deel van het blad bruin worden of afvallen. Dat betekent niet noodzakelijk dat de plant afgestorven is. Wacht in het voorjaar af welke scheuten opnieuw uitlopen en verwijder pas daarna het dode materiaal. Een beschutte standplaats helpt om het wintergroene karakter zo goed mogelijk te behouden.
Snoei Clematis armandii indien nodig onmiddellijk na de bloei, doorgaans in het late voorjaar. De plant krijgt dan voldoende tijd om nieuwe scheuten te vormen waarop het volgende voorjaar bloemen kunnen verschijnen. Jaarlijks sterk terugsnoeien is niet nodig en kan de volgende bloei beperken. Verwijder vooral dode, beschadigde of verkeerd groeiende takken. Een ouder, te groot exemplaar kan geleidelijk worden uitgedund om de plant niet in één keer sterk te verzwakken.
Ja. Clematis armandii klimt met behulp van zijn bladstelen, die zich rond dunne steunpunten wikkelen. Voorzie daarom stevige draden, gaas of een latwerk. Een kale muur of volledig gesloten schutting biedt onvoldoende houvast. Houd rekening met de krachtige groei en gebruik een steun die ook een volwassen plant kan dragen. Leid jonge scheuten aanvankelijk met de hand naar de klimhulp; daarna kan de plant grotendeels zelfstandig verder klimmen.
Bruine bladeren kunnen ontstaan door vorst, koude wind, droogte of een te natte bodem. Winterschade verschijnt vaak na een combinatie van zon, wind en bevroren grond, omdat het wintergroene blad dan vocht blijft verliezen. Bruine bladeren in het groeiseizoen kunnen ook wijzen op uitdroging of wortelproblemen door slechte drainage. Controleer eerst de bodemvochtigheid en wacht na vorstschade tot het voorjaar om te beoordelen welke scheuten nog leven. Snoei uitsluitend afgestorven delen weg.