- All products
- Sierplanten
- Conifeer
- CHAMAECYPARIS OBTUSA 'GITTE'
- Conifeer
Chamaecyparis obtusa 'Gitte' is een zeer traag groeiende dwergconifeer met een afgeplatte, ronde vorm. De dicht opeenstaande, geelgroene loofschubben zitten op licht gedraaide twijgen. Daardoor oogt de plant eerder natuurlijk en wat warrig dan strak gevormd. Het loof blijft ook in de winter aanwezig.
Na ongeveer tien jaar bereikt deze cultivar doorgaans een hoogte van circa 50 cm. Oudere planten kunnen 50 tot 100 cm breed worden en groeien dus geleidelijk breder dan hoog. Door zijn beperkte afmetingen past 'Gitte' in een rotstuin, kleine voortuin of ruime plantenbak.
Plant deze hinokicipres bij voorkeur in de zon, op een beschutte plaats. De bodem moet vochthoudend maar goed doorlatend zijn. Een zure tot neutrale grond geniet de voorkeur, al verdraagt de cultivar ook andere bodemtypes zolang er geen langdurige waterverzadiging optreedt. Natte, slecht doorlatende grond verhoogt het risico op wortelproblemen.
Snoei is normaal niet nodig. De onregelmatige vertakking behoort tot het karakter van de cultivar en komt het best tot haar recht wanneer de plant vrij kan uitgroeien.
'Gitte' groeit zeer traag en bereikt na ongeveer tien jaar doorgaans een hoogte van circa 50 cm. De plant ontwikkelt zich geleidelijk in de breedte en kan uiteindelijk ongeveer 50 tot 100 cm breed worden. Daardoor ontstaat een lage, afgeplatte bolvorm. De beperkte hoogte maakt deze cultivar geschikt voor plaatsen waar een gewone hinokicipres te groot zou worden. De uiteindelijke afmetingen hangen mede af van de bodem, vochtvoorziening en beschikbare groeiruimte.
Ja, de trage groei en beperkte afmetingen maken 'Gitte' geschikt voor een ruime plantenbak. Gebruik een doorlatend substraat en zorg dat overtollig water gemakkelijk kan wegvloeien. De kluit mag niet langdurig nat blijven, maar ook niet volledig uitdrogen. Vooral tijdens droge zomerperioden moet een plant in pot regelmatig worden gecontroleerd. Bescherm de pot bij langdurige strenge vorst, omdat wortels in een container sterker afkoelen dan in volle grond.
Nee, regelmatige snoei is niet nodig. Deze cultivar groeit van nature langzaam en vormt een lage, afgeronde plant met licht gedraaide, onregelmatige twijgen. Dat wat warrige silhouet is een kenmerk van 'Gitte' en hoeft niet gecorrigeerd te worden. Beperk het onderhoud tot het verwijderen van beschadigde of afgestorven takjes. Sterke vormsnoei is niet aangewezen, omdat hierdoor de natuurlijke groeiwijze verloren gaat.
Deze hinokicipres groeit het best in een vochthoudende maar goed doorlatende bodem. Een zure tot neutrale grond heeft de voorkeur. Andere bodemtypes worden doorgaans verdragen wanneer de structuur voldoende luchtig is en regenwater niet rond de wortels blijft staan. Zware grond kan daarom het best vóór het planten worden verbeterd. Langdurig natte omstandigheden verhogen de kans op wortelrot, terwijl een jonge plant tijdens droge perioden voldoende water nodig heeft.
Ja, 'Gitte' is doorgaans goed winterhard in Belgische omstandigheden. Een beschutte standplaats blijft aangewezen, zeker op open locaties met veel koude of uitdrogende wind. Exemplaren in volle grond zijn minder kwetsbaar dan planten in een pot. Bij containerteelt kan de kluit tijdens langdurige vorst sneller volledig bevriezen. Zorg daarom voor een voldoende grote pot en bescherm die indien nodig tijdens uitzonderlijk koude periodes.