- All products
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- CAMPANULA ALLIARIFOLIA
- Vaste planten
Roomwitte klokjes boven een stevig bladrozet
Campanula alliariifolia onderscheidt zich door haar hangende, roomwitte bloemen, die dicht langs opgaande stengels staan. De donkere kelken vormen een duidelijk contrast met de lichte bloemkronen. De bloeistengels bereiken doorgaans ongeveer 60 tot 70 cm.
De plant vormt aan de basis een rozet van grote, hartvormige bladeren met een zachte beharing. Ze groeit polvormig en vormt geen laag, kruipend tapijt zoals sommige andere klokjesbloemen.
Standplaats en bodem
Deze klokjesbloem groeit goed in zon tot halfschaduw, bij voorkeur in frisse maar goed doorlatende grond. Op een warme, zonnige plaats mag de bodem tijdens de zomer niet langdurig uitdrogen. Een standplaats met lichte namiddagsschaduw is daarom geschikt op drogere of snel opwarmende gronden.
Vermijd een bodem waarin tijdens de winter water blijft staan. Uitgebloeide bloemstengels kunnen worden weggeknipt om de pol verzorgd te houden en de vorming van nieuw blad te bevorderen.
Nee, deze soort groeit vanuit een centrale wortelstok en vormt geleidelijk een pol. Ze maakt geen laag, kruipend tapijt zoals sommige bodembedekkende klokjesbloemen. Geef het bladrozet voldoende ruimte, zodat de grote onderste bladeren zich kunnen ontwikkelen. De bloemstengels groeien voornamelijk omhoog en nemen daardoor tijdens de bloei relatief weinig extra breedte in.
Ja, op voorwaarde dat de bodem tijdens het groeiseizoen voldoende fris blijft. Op droge zandgrond of een warme plaats kan felle middagzon tot uitdroging leiden. In zulke omstandigheden is halfschaduw geschikter. Een standplaats met ochtendzon en lichte schaduw tijdens het warmste deel van de dag biedt doorgaans een goed evenwicht tussen bloei en vochtvoorziening.
Een losse, goed doorlatende bodem die niet langdurig uitdroogt, is het meest geschikt. Zowel een humusrijke tuingrond als lichte leemgrond komt in aanmerking, zolang overtollig water gemakkelijk weg kan. Zware, natte grond verhoogt vooral tijdens de winter het risico op wortelproblemen. Op zeer droge grond blijft de groei doorgaans zwakker en kan de bloei sneller eindigen.
Een zware snoei is niet nodig. Knip de uitgebloeide bloemstengels aan de basis weg wanneer ze hun sierwaarde verliezen. Zo blijft het lage bladrozet zichtbaar en wordt geen energie besteed aan ongewenste zaadvorming. Beschadigd of afgestorven blad kan eveneens worden verwijderd. Laat gezond blad staan zolang het actief blijft, omdat dit de wortelvoorraad voor het volgende groeiseizoen aanvult.
Campanula alliariifolia is doorgaans voldoende winterhard voor Belgische tuinen. Een goed doorlatende bodem is daarbij belangrijker dan extra winterbescherming. Langdurig natte grond tijdens koude periodes kan schadelijker zijn dan vorst. In een pot is de wortelkluit sterker blootgesteld aan koude en uitdroging; plaats de pot daarom beschut en voorkom dat regenwater onderaan blijft staan.