- All products
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Siergrassen
- PHRAGMITES AUSTRALIS 'VARIEGATUS'
- Siergrassen
Bont riet (Phragmites australis 'Variegatus') onderscheidt zich door zijn groen-geel gestreepte bladeren. De stevige, opgaande stengels worden ongeveer 1,5 meter hoog. De groei is krachtig, waardoor de plant vooral tot zijn recht komt aan een ruime vijverrand of in een natte beplanting.
Deze cultivar groeit het best in de zon, op een voortdurend vochtige tot natte, voedselrijke bodem. Hij kan ook in ondiep water worden geplant. Op een drogere standplaats blijft de ontwikkeling beperkter en vraagt de plant tijdens droge perioden extra water.
Net als gewoon riet vormt 'Variegatus' ondergrondse uitlopers. Plaatsing in een stevige vijvermand of binnen een wortelbegrenzer helpt om ongewenste uitbreiding te beperken. Controleer de plant regelmatig wanneer hij dicht bij kleinere of minder groeikrachtige oeverplanten staat.
De bovengrondse delen sterven tijdens de winter af. Knip de verdorde stengels aan het einde van de winter of vroeg in het voorjaar terug, voordat de nieuwe scheuten verschijnen.
Deze cultivar vormt ondergrondse uitlopers en kan zich op een geschikte, natte bodem stevig uitbreiden. Plant hem daarom bij voorkeur in een ruime, stevige vijvermand of binnen een degelijke wortelbegrenzer. Controleer jaarlijks of uitlopers buiten de begrenzing verschijnen. Zonder begrenzing is 'Variegatus' vooral geschikt voor grotere vijvers en ruime, natte beplantingen waar uitbreiding geen probleem vormt.
Ja. Bont riet kan in de moeraszone of in ondiep water groeien. Zorg dat de wortelzone voortdurend vochtig tot nat blijft en gebruik bij aanplant in een vijver een voldoende grote, stabiele mand. Een te diepe standplaats is minder geschikt voor jonge planten. Geleidelijke aanplant vanaf de natte oever maakt het gemakkelijker om de waterdiepte en uitbreiding te controleren.
Alleen wanneer de wortelgroei zorgvuldig wordt begrensd. De plant groeit snel en kan met zijn uitlopers kleinere oeverplanten verdringen. Gebruik in een kleine vijver een stevige vijvermand en verwijder uitlopers zodra ze buiten de voorziene ruimte verschijnen. Voor zeer kleine waterpartijen is een minder groeikrachtige oeverplant doorgaans eenvoudiger te beheren.
Knip de verdorde stengels aan het einde van de winter of vroeg in het voorjaar terug, voordat de nieuwe scheuten uitlopen. Snoei ze enkele centimeters boven de bodem of het wateroppervlak af. Door het oude loof tot na de winter te laten staan, blijft de wortelzone beter beschermd. Verwijder het snoeisel uit de vijver om ophoping van organisch materiaal te beperken.
Een zonnige standplaats is het meest geschikt voor een duidelijke geelgroene bladtekening en een stevige, opgaande groei. De bodem moet daarbij voortdurend vochtig tot nat blijven. Een plaats in ondiep water of aan een natte vijverrand is geschikt. Vermijd een droge bodem, omdat de plant daar minder krachtig groeit en tijdens warme perioden snel vocht tekort kan komen.