- All products
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- ASTER FRIKARTII 'MÖNCH'
- Vaste planten
Aster × frikartii 'Mönch' onderscheidt zich door zijn lange bloeiperiode en relatief grote, lavendelblauwe bloemen met een geel hart. De eerste bloemen verschijnen doorgaans in juli, waarna de bloei tot september of oktober kan aanhouden. Bijen en vlinders bezoeken de open bloemen voor nectar en stuifmeel.
Deze bladverliezende vaste plant wordt ongeveer 70 cm hoog en heeft een losse, bossige groeiwijze. Daardoor komt 'Mönch' goed tot zijn recht in een zonnige vasteplantenborder, tussen lagere siergrassen of in een ruimere groepsbeplanting.
Kies een zonnige plaats met een goed doorlatende, matig voedselrijke bodem. Langdurig natte grond, vooral tijdens de winter, wordt slecht verdragen. Geef tijdens droge periodes water zonder de bodem voortdurend nat te houden. De uitgebloeide stengels kunnen in de late herfst of aan het einde van de winter worden teruggesneden.
'Mönch' geldt als minder vatbaar voor meeldauw dan verschillende andere herfstasters, maar is niet volledig ongevoelig. Een zonnige, luchtige standplaats helpt om het blad gezond te houden. Vermijd een te dichte beplanting en geef water bij voorkeur rechtstreeks aan de voet. Langdurige droogtestress of een slechte luchtcirculatie kan de kans op aantasting verhogen.
Een gebrek aan zon is een veelvoorkomende oorzaak van een beperkte bloei. Ook langdurig natte grond of een erg voedselrijke bodem kan voor veel bladgroei en minder bloemen zorgen. Plant 'Mönch' daarom bij voorkeur in de volle zon, in goed doorlatende en matig voedselrijke grond. Tijdens langdurige droogte blijft voldoende water nodig om de bloei op peil te houden.
Op een open of winderige standplaats kunnen de ongeveer 70 cm hoge bloemstengels steun gebruiken. In een gemengde border bieden naburige vaste planten vaak voldoende houvast. Op een te voedselrijke bodem worden de stengels doorgaans slapper. Een zonnige standplaats en een matige bemesting helpen om een stevigere, compactere plant te behouden.
Ja, mits de pot ruim is en overtollig water gemakkelijk kan wegvloeien. Gebruik een doorlatend substraat en plaats de plant in de zon. Een pot droogt sneller uit dan volle grond, waardoor tijdens warme perioden regelmatige controle nodig is. Laat de wortelkluit niet volledig uitdrogen, maar vermijd eveneens dat er water onder in de pot blijft staan.
Oudere planten kunnen in het voorjaar worden gedeeld wanneer de nieuwe groei begint. Graaf de pol uit, verwijder eventueel het minder vitale centrum en herplant stevige buitenste delen. Delen is vooral nuttig wanneer de bloei terugloopt of de plant te breed wordt. Geef de herplante stukken voldoende water totdat ze opnieuw goed geworteld zijn.