- All products
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- ARALIA ELATA
- Bladverliezend
Groot blad en een open, grillige groei
Duivelswandelstok (Aralia elata) groeit als een forse bladverliezende struik of kleine boom met weinig, dikke hoofdtakken. De grijze takken dragen scherpe stekels. Het dubbel geveerde blad kan ongeveer een meter lang worden en vormt losse bladkransen aan de uiteinden van de takken. Hierdoor krijgt de plant een uitgesproken, bijna palmachtige vorm.
In de herfst verkleurt het groene blad geel, oranje en soms rood. Tijdens augustus verschijnen grote, crèmewitte bloempluimen aan de takuiteinden. Ze worden druk bezocht door bijen en kunnen worden gevolgd door kleine zwarte vruchten.
Standplaats en aandachtspunten
Aralia elata groeit het best in de zon of halfschaduw, op een voedzame, humusrijke bodem die voldoende vochtig maar doorlatend blijft. Een goed ingewortelde plant verdraagt tijdelijke droogte. Kies bij voorkeur een enigszins beschutte plaats, want het zeer grote blad kan bij harde wind inscheuren.
De soort vormt gemakkelijk worteluitlopers en kan zich daardoor buiten de oorspronkelijke plantplaats uitbreiden. Houd hiermee rekening nabij bestrating, borders met beperkte ruimte en strak aangelegde tuinen. Door de stekels zijn stevige handschoenen aangewezen bij snoei of het verwijderen van uitlopers.
Ja. Aralia elata kan vanuit de wortels nieuwe scheuten vormen, soms op enige afstand van de hoofdplant. Daardoor kan de plant geleidelijk meer ruimte innemen dan oorspronkelijk voorzien. Controleer de omgeving regelmatig en verwijder ongewenste scheuten zodra ze jong zijn. Dit aandachtspunt is vooral belangrijk in kleine tuinen, formele beplantingen en borders waar naburige planten niet verdrongen mogen worden.
Alleen wanneer er voldoende ruimte is voor de brede bladeren en eventuele worteluitlopers. De plant kan zich ontwikkelen tot een forse struik of kleine boom en is daardoor minder geschikt voor een smalle border. In een kleinere tuin is een vrije standplaats aangewezen, met voldoende afstand tot paden en zitplaatsen. De stekelige takken en uitbreidende wortelscheuten maken een plek vlak naast een doorgang minder praktisch.
Een beschutte standplaats verdient de voorkeur. De plant zelf is goed winterhard, maar de zeer grote, samengestelde bladeren kunnen bij harde wind inscheuren of rafelen. Daardoor verliest het blad een deel van zijn sierwaarde. Plant Aralia elata bij voorkeur waar een haag, gebouw of andere beplanting de krachtigste wind breekt, zonder de plant volledig in de schaduw te zetten.
Aralia elata kan zich zowel als grote struik als kleine boom ontwikkelen. De soort vormt van nature vaak meerdere dikke, rechtopgaande stammen en blijft vrij open vertakt. Door de onderste scheuten gericht te verwijderen, kan de plant meer als boom worden opgegroeid. Zonder vormsnoei ontstaat doorgaans een meerstammige, grillige plant. De beschikbare ruimte en de gekozen snoei bepalen dus in belangrijke mate het uiteindelijke silhouet.
Een goed ingewortelde Aralia elata verdraagt tijdelijke droge periodes, maar groeit het best in voedzame, humusrijke grond die voldoende vocht vasthoudt. Langdurig uitdrogende zandgrond is minder geschikt, zeker tijdens de eerste jaren na aanplant. Geef jonge planten water bij aanhoudende droogte en bedek de bodem eventueel met een organische mulchlaag. Vermijd tegelijk een voortdurend natte, slecht doorlatende bodem.