- All products
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- AMSONIA TABERNAEMONTANA VAR. SALICIFOLIA
- Vaste planten
Smalle bladeren en lichtblauwe sterbloemen
Amsonia tabernaemontana var. salicifolia onderscheidt zich door haar lange, smalle bladeren, die duidelijk fijner zijn dan bij de gewone blauwe ster. De rechtopstaande stengels vormen een vrij compacte pol van doorgaans 70 tot 100 cm hoog. In juni verschijnen losse trossen met lichtblauwe, stervormige bloemen.
Na de bloei blijft het wilgachtige, frisgroene blad de plant structuur geven. In de herfst verkleurt het blad helder geel. Door deze combinatie van fijn blad, een opgaande groei en herfstverkleuring blijft de plant meerdere seizoenen herkenbaar in de border.
Standplaats en verzorging
Deze vaste plant groeit in de zon of halfschaduw, bij voorkeur in een normale, goed doorlatende bodem die tijdens het groeiseizoen voldoende vocht vasthoudt. Langdurig natte grond is minder geschikt. Geef pas aangeplante exemplaren geregeld water totdat ze goed geworteld zijn.
Amsonia tabernaemontana var. salicifolia vraagt weinig snoei. De afgestorven stengels kunnen aan het einde van de winter of in het vroege voorjaar tot bij de grond worden afgeknipt. Daarna loopt de plant opnieuw vanuit de basis uit.
Het voornaamste verschil zit in het blad. Deze variëteit heeft opvallend smalle, langwerpige bladeren die aan wilgenblad doen denken. Daardoor oogt de plant fijner en luchtiger dan vormen met breder blad. De losse trossen met lichtblauwe sterbloemen en de gele herfstverkleuring blijven belangrijke sierkenmerken. De plant groeit opgaand en vormt na verloop van tijd een duidelijke pol.
De hoofdbloei valt doorgaans in juni. Bij een koel voorjaar kan de bloei wat later beginnen en tot in juli doorlopen. De lichtblauwe bloemen staan in losse trossen boven en tussen het smalle blad. De precieze bloeiduur hangt onder meer af van de standplaats, de bodemvochtigheid en het verloop van het voorjaar.
Ja, wanneer er voldoende plaats is voor een vaste plantenpol van ongeveer 70 tot 100 cm hoog en een vergelijkbare breedte. De rechtopstaande groei neemt minder ruimte in dan die van breed uitgroeiende heesters. Houd bij het planten wel rekening met de volwassen omvang, zodat de smalle bladeren en de natuurlijke polvorm zichtbaar blijven.
Een normale, goed doorlatende tuingrond die tijdens het groeiseizoen matig vochtig blijft, is het meest geschikt. Zowel zon als halfschaduw is mogelijk. Vermijd een bodem waarin water langdurig rond de wortels blijft staan. Tijdens het eerste groeiseizoen is regelmatig water geven belangrijk, vooral op lichte grond en tijdens droge perioden.
Knip de afgestorven stengels aan het einde van de winter of in het vroege voorjaar terug tot kort boven de grond. De nieuwe scheuten komen daarna vanuit de basis tevoorschijn. Verdere vormsnoei is doorgaans niet nodig. Door met de snoei te wachten tot na de winter blijft de standplaats herkenbaar en wordt jonge uitloop niet onnodig vroeg blootgesteld.