- All products
- Fruitplanten
- Bessenstruiken
- Aardbeien
- AARDBEIEN 'ELVIRA'
- Aardbeien
Vruchten en oogst
Aardbei ‘Elvira’ (Fragaria × ananassa ‘Elvira’) is een vroeg, kortdragend ras. De eerste vruchten rijpen in België doorgaans vanaf midden juni. Afhankelijk van het weer en de standplaats loopt de oogst door tot in juli.
De aardbeien zijn groot, gelijkmatig en meestal kegelvormig. Ze hebben een glanzend rode schil en stevig, sappig vruchtvlees. De smaak is aangenaam, met een matig uitgesproken aroma. De vruchten zijn geschikt voor verse consumptie en verwerking tot confituur.
Standplaats en bodem
‘Elvira’ groeit en rijpt het best op een zonnige standplaats. Kies een humusrijke, goed doorlatende bodem. Langdurig natte grond is minder geschikt, omdat de wortels na de winter gevoelig kunnen reageren op een slechte drainage. Op zware of natte grond kan aanplant op een verhoogd bed helpen om overtollig water sneller af te voeren.
Teeltduur
De planten blijven laag en kunnen in volle grond, een verhoogd bed of een voldoende ruime plantenbak worden geteeld. Voor een goede vruchtkwaliteit en opbrengst worden aardbeiplanten doorgaans na twee tot drie teeltjaren vervangen.
Nee. ‘Elvira’ wordt geteeld als een vroeg, kortdragend aardbeienras. Het grootste deel van de vruchten rijpt tijdens één geconcentreerde oogstperiode, doorgaans vanaf midden juni tot in juli. De precieze start en duur hangen af van het voorjaarsweer, de standplaats en de teeltwijze. Wie over een langere periode aardbeien wil plukken, combineert ‘Elvira’ het best met later rijpende of doordragende rassen.
Ja. De lage planten kunnen in een plantenbak of aardbeienbak worden geteeld, op voorwaarde dat de pot voldoende ruimte en afwateringsgaten heeft. Gebruik een voedzame maar goed doorlatende potgrond en zet de bak in de zon. Potplanten drogen sneller uit dan planten in volle grond en vragen daarom regelmatiger water. Laat de potgrond niet langdurig doorweekt blijven, want ‘Elvira’ is minder geschikt voor omstandigheden waarin de wortels voortdurend nat staan.
Nee. ‘Elvira’ kan met eigen stuifmeel vruchten vormen en heeft dus geen ander aardbeienras nodig als bestuiver. Bezoek door bijen en andere insecten bevordert wel een gelijkmatige bestuiving van de bloemen. Dat verkleint de kans op onregelmatig gevormde vruchten. Plaats planten in een serre of tunnel tijdens de bloei daarom zo dat bestuivende insecten toegang hebben, of zorg voor voldoende verluchting.
Langdurig natte grond beperkt de hoeveelheid zuurstof rond de wortels en vergroot de kans op wortelproblemen, vooral na de winter. Plant ‘Elvira’ daarom in een goed doorlatende bodem. Op zware kleigrond of een plaats waar water blijft staan, is een verhoogd plantbed aangewezen. Voeg geen dikke laag fijn organisch materiaal toe die voortdurend nat blijft rond het hart van de plant. Het groeipunt moet bij het planten net boven het bodemoppervlak blijven.
Een aardbeienplant kan meerdere jaren overleven, maar vruchtgrootte en opbrengst nemen doorgaans af naarmate het plantbed ouder wordt. Voor een goede vruchtkwaliteit wordt ‘Elvira’ meestal na twee tot drie teeltjaren vervangen. Gebruik voor een nieuw bed jonge, gezonde planten en kies bij voorkeur een andere standplaats. Zo wordt de opbouw van bodemgebonden ziekten en plagen beperkt.