- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- VIOLA CORNUTA 'WISLEY WHITE'
- Vaste planten
Hoornviooltje (Viola cornuta) 'Wisley White' vormt lage, spreidende pollen van ongeveer 15 cm hoog. De kleine, zuiver witte bloemen verschijnen rijkelijk boven het donkergroene blad. De hoofdbloei valt doorgaans van mei tot juli.
Deze cultivar groeit het best in zon tot halfschaduw, op een humusrijke bodem die licht vochtig maar goed doorlatend blijft. Op een koele standplaats houden de bloemen langer. Felle middagzon in combinatie met droge grond verkort de bloei, terwijl langdurig natte grond minder geschikt is.
'Wisley White' is bruikbaar voor de voorrand van een border, een frisse rotstuin en bloembakken. Het is een kortlevende vaste plant, maar spontane uitzaai kan ervoor zorgen dat hij langer in de tuin aanwezig blijft. Terugknippen na de eerste bloei houdt de groei compacter en kan een nieuwe bloeiperiode stimuleren.
Ja, maar een plaats met zachte ochtend- of avondzon is gunstiger dan een hele dag felle zon. In zonnige omstandigheden moet de bodem voldoende vochthoudend blijven zonder nat te worden. Op een hete, droge standplaats verwelken de bloemen sneller en kan de bloei eerder terugvallen. Halfschaduw is daarom een goede keuze op warme of snel uitdrogende plaatsen. In diepe schaduw wordt de groei doorgaans losser en blijft de bloei beperkter.
Ja. 'Wisley White' wordt als vaste plant geteeld, maar individuele planten zijn meestal niet bijzonder langlevend. Een koele standplaats en een goed doorlatende bodem helpen om de plant langer vitaal te houden. Het hoornviooltje kan zich spontaan uitzaaien, al zijn de zaailingen niet noodzakelijk volledig identiek aan de cultivar. Wie de zuiver witte bloemkleur wil behouden, vervangt oudere planten daarom het best door vegetatief vermeerderde exemplaren.
Ja. De lage, spreidende groei en witte bloemen maken deze cultivar geschikt voor bloembakken en potten. Gebruik potgrond die vocht vasthoudt maar overtollig water snel afvoert. Een pot met drainagegaten is noodzakelijk, want blijvend natte wortels worden slecht verdragen. Laat het substraat tijdens de bloei niet volledig uitdrogen. Op een koele, lichte plaats blijven de bloemen doorgaans langer goed dan tegen een hete zuidmuur.
Terugknippen is niet noodzakelijk, maar kan de plant na de eerste bloeigolf compacter en frisser maken. Knip uitgebloeide stengels en slordig geworden groei voorzichtig terug zonder het hart van de plant te beschadigen. Bij voldoende bodemvocht kan daarna nieuwe groei en een aanvullende bloei volgen. Regelmatig uitgebloeide bloemen verwijderen beperkt bovendien de zaadvorming. Laat enkele bloemen staan wanneer spontane uitzaai gewenst is.
Een humusrijke, licht vochtige en goed doorlatende bodem is het meest geschikt. De grond mag tijdens de groei niet langdurig uitdrogen, maar stilstaand water moet worden vermeden. Op zware grond kan compost of ander organisch materiaal de structuur verbeteren, zolang de afwatering voldoende blijft. In potten is een luchtig substraat met vrije drainage belangrijk. Zeer droge, stenige grond is alleen bruikbaar wanneer tijdens droge periodes tijdig water wordt gegeven.