- Alle Produkte
- Sierplanten
- Andere
- Waterplanten
- TRAPA NATANS (WATERNOOT)
- Waterplanten
Waternoot (Trapa natans) vormt aan het wateroppervlak compacte bladrozetten met glanzend groene, getande bladeren. De verdikte bladstelen helpen de rozetten drijven. In de zomer verschijnen kleine witte bloemen, gevolgd door harde vruchten met opvallende, hoornachtige uitsteeksels.
De zichtbare plant is eenjarig en sterft in het najaar af. Rijpe vruchten zakken naar de vijverbodem en kunnen daar overwinteren. Bij voldoende warm water kunnen ze in het voorjaar ontkiemen, maar hergroei is onder Belgische omstandigheden niet ieder jaar verzekerd.
Trapa natans verlangt een warme, zonnige en luwe plaats in stilstaand of slechts langzaam bewegend water. Een waterdiepte van ongeveer 30 tot 100 cm is doorgaans geschikt. In kleine vijvers moet de uitbreiding worden opgevolgd, zodat voldoende open water behouden blijft.
Gebruik waternoot uitsluitend in een afgesloten tuinvijver. Verwijder overtollige planten en vruchten zorgvuldig en breng ze niet over naar grachten, beken of natuurlijke waterpartijen.
De plant zelf overwintert niet: de drijvende rozetten sterven in het najaar af. Rijpe vruchten zakken naar de bodem en kunnen de winter onder water doorbrengen. In het voorjaar kunnen ze opnieuw ontkiemen zodra het water voldoende opwarmt. Onder Belgische omstandigheden is die hergroei niet ieder jaar even betrouwbaar. Ze hangt onder meer af van de watertemperatuur, de rijpheid van de vruchten en de toestand van de vijverbodem. Wie de soort wil behouden, laat enkele gezonde vruchten in de afgesloten vijver liggen.
Waternoot wordt niet behandeld zoals een gewone moerasplant met een vaste kluit. De plant ontwikkelt een lange stengel tussen de vijverbodem en de drijvende bladrozet. Vruchten ontkiemen vanuit de bodem, waarna de jonge plant naar het wateroppervlak groeit. Gebruik daarom geen zware vijvermand die de ontwikkeling belemmert. De precieze plaatsingswijze hangt af van de leveringsvorm: een losse plant wordt voorzichtig in rustig water gelegd, terwijl een vrucht op een geschikte, modderige vijverbodem kan ontkiemen.
Trapa natans groeit het best in de volle zon, omdat het water daar in het voorjaar en de zomer voldoende kan opwarmen. Een warme en luwe ligging bevordert de ontwikkeling van de drijvende rozetten en vergroot de kans op bloei en vruchtvorming. Een koude, sterk beschaduwde vijver is minder geschikt. Vermijd ook plaatsen met krachtige stroming of voortdurend opspattend water, want de rozetten liggen los aan het wateroppervlak en ontwikkelen zich beter in rustig water.
Bij warm weer en voedselrijk water kunnen de rozetten zich sterk ontwikkelen en een aanzienlijk deel van het wateroppervlak innemen. Controleer de bedekking daarom regelmatig, vooral in een kleine vijver. Laat voldoende open water over voor lichtinval, gasuitwisseling en andere waterplanten. Overtollige planten en vruchten kunnen worden verwijderd voordat ze zich verder verspreiden. Voer dit materiaal af via het groenafval en breng het nooit naar een natuurlijke waterloop of openbare vijver.
De vruchten van waternoot zijn historisch als voedsel gebruikt, maar een exemplaar dat als vijverplant wordt verkocht is geen gecontroleerd consumptieproduct. De waterkwaliteit, eventuele behandelingen tijdens de teelt en de juiste bereiding zijn daarbij niet gewaarborgd. Gebruik vruchten uit de siervijver daarom niet voor consumptie. Verwar Trapa natans bovendien niet met de Chinese waterkastanje, Eleocharis dulcis; dat is een andere waterplant die als voedingsgewas wordt geteeld.