- Alle Produkte
- Sierplanten
- Bomen
- Loofbomen
- TILIA EUROPAEA 'PALLIDA' HEISTER
- Loofbomen
Krachtig groeiende koningslinde
De koningslinde (Tilia ×europaea 'Pallida') groeit snel en ontwikkelt een doorgaande, rechte harttak met schuin opgaande takken. De aanvankelijk breed piramidale kroon wordt op latere leeftijd breder en stomper. Als spil is dit een jonge boomvorm die nog verder kan worden opgekweekt en begeleid tot een hoogstam of een boom met lager aangezette zijtakken.
Het lichtgroene, hartvormige blad heeft een geelgroene onderzijde en een opvallend rode bladsteel. 'Pallida' loopt vroeger uit dan de soort. De jonge twijgen verkleuren van geelbruin naar bruinrood, wat ook tijdens de winter een bruikbaar herkenningskenmerk blijft.
In juni en juli verschijnen geurende, geelwitte bloemen die nectar leveren aan bijen en andere insecten. De boom is bladverliezend en laat zijn bladeren doorgaans vrij vroeg in het najaar vallen.
Standplaats en toepassing
Met een uiteindelijke hoogte van ongeveer 20 tot 30 meter en een kroonbreedte van 10 tot 15 meter vraagt deze linde veel ruimte. Hij past vooral in parken, brede groenstroken, ruime tuinen en lanen waar de kroon ongehinderd kan uitgroeien. De boom groeit in zon tot halfschaduw, verdraagt verschillende bodemsoorten en ontwikkelt zich het best in een voldoende voedselrijke bodem met een normale vochtvoorziening. De windbestendigheid is goed.
'Pallida' kan gevoelig zijn voor bladluizen. De daarbij gevormde honingdauw kan kleverig neerslaan op bestrating, tuinmeubilair en voertuigen. Plant deze cultivar daarom bij voorkeur niet direct boven parkeerplaatsen of intensief gebruikte zitplekken. Ook bladvlekkenziekte kan voorkomen.
Een spil is een jonge boom met een doorgaande centrale harttak en zijtakken langs de stam. De kroon en vrije stamhoogte zijn nog niet definitief gevormd. Daardoor kan de boom na aanplant verder worden begeleid volgens de gewenste toepassing. Verwijder concurrerende toppen tijdig en behoud één rechte harttak. Zijtakken die de stam helpen verdikken, kunnen tijdelijk blijven staan en later gefaseerd worden verwijderd. Vermijd zware snoei in één keer, omdat dit de kroonopbouw verstoort en veel nieuwe scheuten kan veroorzaken.
'Pallida' groeit uit tot een forse boom van ongeveer 20 tot 30 meter hoog en 10 tot 15 meter breed. Op een gunstige standplaats kan een oud exemplaar nog groter worden. De kroon is aanvankelijk breed piramidaal en krijgt later een bredere, stompere vorm. Deze cultivar vraagt daarom aanzienlijk meer ruimte dan een compacte tuinboom. Voor kleine tuinen of smalle straten is hij doorgaans minder geschikt; in parken, ruime tuinen en brede lanen komt de kroon beter tot ontwikkeling.
Ja, 'Pallida' kan door bladluizen worden aangetast. Deze insecten scheiden honingdauw af, die als een kleverige laag op bestrating, voertuigen of tuinmeubilair onder de kroon terecht kan komen. Op de honingdauw kan vervolgens roetdauw ontstaan. De aantasting verschilt van jaar tot jaar en hangt onder meer samen met het weer en de vitaliteit van de boom. Kies daarom geen standplaats direct boven een parkeerplaats, terras of druk gebruikte zitplek wanneer kleverige neerslag daar hinderlijk zou zijn.
Deze koningslinde heeft een goede windbestendigheid en kan op open locaties worden toegepast. Een jonge spil moet na aanplant wel stevig worden verankerd, zodat de wortelkluit niet beweegt en de boom recht kan inwortelen. Verwijder de boomband zodra de boom zelfstandig stabiel staat om insnoering te voorkomen. Een normale, voldoende vochthoudende bodem ondersteunt een gelijkmatige groei. Op zeer droge en arme grond kan de ontwikkeling achterblijven, vooral tijdens de eerste jaren na aanplant.
De belangrijkste reden is de gevoeligheid voor bladluizen. Hun honingdauw kan op voertuigen en verharding terechtkomen en daar een kleverige laag vormen. Daarnaast wordt de kroon uiteindelijk 10 tot 15 meter breed, waardoor voldoende bovengrondse en ondergrondse groeiruimte nodig is. In een brede groenstrook vormt dit doorgaans minder hinder dan in een smalle parkeerstrook. Voorzie ook voldoende onverharde bodem rond de stam, zodat regenwater en lucht de wortelzone kunnen bereiken.