- Alle Produkte
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- SYMPHORICARPOS CHENAULTII 'BRAIN DE SOLEIL'
- Bladverliezend
Goudbladige sneeuwbes met kruipende groei
Symphoricarpos × chenaultii 'Brain de Soleil' onderscheidt zich door zijn lage, breed spreidende groei en wisselende bladkleuren. De jonge scheuten lopen oranje uit, waarna het kleine blad goudgeel tot geelgroen kleurt. Tegen het einde van het groeiseizoen verschijnen koperoranje tinten.
De takken kunnen wortelen waar ze de grond raken. Daardoor ontwikkelt deze cultivar zich geleidelijk tot een brede bodembedekker. Hij blijft doorgaans lager dan de meeste sneeuwbessen, maar kan zich zijwaarts ruim uitbreiden. Uitlopers en gewortelde takken zijn eenvoudig te verwijderen wanneer de plant buiten de voorziene ruimte groeit.
In juni en juli verschijnen kleine witroze bloemen. De daaropvolgende witte bessen zijn eerder bescheiden; bij deze cultivar vormt vooral het gekleurde blad de sierwaarde. De plant is bladverliezend.
Standplaats en onderhoud
'Brain de Soleil' groeit in zon, halfschaduw en schaduw. Op een lichtere standplaats is de gele bladkleur doorgaans het duidelijkst; in meer schaduw wordt het blad groener. Een gewone, voldoende doorlatende tuingrond is geschikt.
Snoeien is niet noodzakelijk, maar kan aan het einde van de winter gebeuren om de plant compact te houden. Verwijder daarbij ongewenste uitlopers en oudere of te ver doorgroeiende takken. Door zijn spreidende groei is deze cultivar vooral bruikbaar als lage heester of bodembedekker in grotere plantvakken.
Nee. De bladkleur verandert onder invloed van het seizoen en de hoeveelheid licht. De jonge oranje scheuten ontwikkelen goudgeel blad, dat in de zomer meer geelgroen kan worden. In schaduw is het groene aandeel doorgaans sterker dan op een lichtere standplaats. Tegen de herfst verschijnen koperoranje tinten. De plant is bladverliezend en houdt zijn gekleurde blad dus niet tijdens de winter.
De laag groeiende takken kunnen wortelen zodra ze langdurig contact maken met de bodem. Zo wordt de plant geleidelijk breder en ontstaat een gesloten begroeiing. Deze groeiwijze is nuttig in grotere plantvakken, maar vraagt opvolging langs paden en naast kleinere planten. Ongewenste gewortelde takken en uitlopers kunnen worden losgemaakt en verwijderd voordat ze zich verder ontwikkelen.
Reken doorgaans op ongeveer drie tot vijf planten per vierkante meter. Met vijf planten sluit het plantvak sneller, terwijl drie planten meer tijd nodig hebben om de bodem volledig te bedekken. De uiteindelijke dichtheid hangt ook af van de bodem, de beschikbare hoeveelheid licht en de verzorging tijdens de eerste groeiseizoenen. Houd rekening met de brede groei en geef de takken ruimte om zich zijwaarts te ontwikkelen.
Ja, deze cultivar kan in de schaduw groeien. Het blad wordt daar doorgaans eerder geelgroen dan uitgesproken goudgeel. Voor de duidelijkste bladkleur is een standplaats met meer licht geschikter, terwijl halfschaduw vaak een goed evenwicht geeft tussen groei en kleur. Onder bomen moet de jonge aanplant voldoende water krijgen, omdat concurrentie van boomwortels de bodem snel kan laten uitdrogen.
Snoei te ver doorgroeiende takken aan het einde van de winter terug tot binnen de gewenste plantzone. Verwijder tegelijk beschadigde, oudere of ongewenst gewortelde scheuten. De plant hoeft niet jaarlijks sterk teruggesnoeid te worden; gericht begrenzen volstaat meestal. Controleer tijdens het groeiseizoen vooral de randen van het plantvak, omdat liggende takken daar opnieuw kunnen wortelen.