- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Siergrassen
- SCHIZACHYRIUM SCOPARIUM
- Siergrassen
Klein prairiegras (Schizachyrium scoparium) vormt compacte pollen met fijne, vrij rechtopstaande halmen. Het blad is tijdens de zomer blauwgroen en verkleurt in de herfst naar warme koper-, rood- en bruintinten. De luchtige, roodbruine bloeiaren verschijnen vanaf de nazomer en kunnen samen met het verdroogde blad tot diep in de winter structuur geven.
Dit siergras groeit het best in volle zon. Een droge tot normaal vochtige, goed doorlatende bodem is belangrijk, vooral tijdens de winter. Op langdurig natte of slecht afwaterende grond kan de pol verzwakken. Een voedselrijke bodem en sterke bemesting leiden doorgaans tot een lossere groei en minder uitgesproken bladkleur.
Eenmaal goed ingeworteld verdraagt Schizachyrium scoparium droge periodes behoorlijk goed. Daardoor past het in zonnige borders, prairiebeplantingen en groepen op lichte zand- of zandleemgrond. Laat de halmen tijdens de winter staan en knip de volledige pol pas aan het einde van de winter terug, voordat het nieuwe blad uitloopt.
Ja. Klein prairiegras groeit goed op droge, lichte grond zodra de pol voldoende is ingeworteld. Geef tijdens het eerste groeiseizoen water wanneer de bodem langdurig uitdroogt, zodat een goed wortelstelsel kan ontstaan. Daarna is extra water vooral nodig tijdens uitzonderlijk lange droogteperiodes. Vermijd overvloedige bemesting: op een sobere bodem blijft de groei doorgaans steviger en komt de herfstverkleuring beter tot haar recht. Een zonnige standplaats is daarbij belangrijk.
Alleen wanneer de kleigrond voldoende goed afwatert. Zware, langdurig natte grond is ongeschikt, omdat vooral wintervocht de pol kan verzwakken en wortelproblemen kan veroorzaken. Plant het gras op zware grond bij voorkeur iets verhoogd en verbeter de bodemstructuur zonder een natte plantkuil te creëren. Op verdichte of laaggelegen kleigrond waar water blijft staan, kiest u beter een siergras dat vochtige omstandigheden beter verdraagt.
Knip Schizachyrium scoparium aan het einde van de winter of vroeg in het voorjaar terug, voordat de nieuwe groei begint. De oude halmen mogen tijdens de winter blijven staan: ze behouden een deel van hun warme kleur en geven de border structuur. Knip de pol vervolgens terug tot ongeveer 5 à 10 cm boven de grond. Snoei niet al in de herfst, tenzij de halmen door weersomstandigheden volledig zijn platgevallen.
Een te voedselrijke bodem, sterke stikstofbemesting of te weinig zon kan de halmen langer en slapper maken. Daardoor verliest de pol zijn compacte, opgaande vorm en kan hij openvallen. Kies een open plek in volle zon en bemest slechts beperkt. Ook langdurig natte grond vermindert de stevigheid en vitaliteit. Op een sobere, goed doorlatende bodem ontwikkelt klein prairiegras doorgaans de meest karakteristieke groei en de duidelijkste herfstkleur.
Nee. Dit siergras is niet wintergroen. Het blad en de halmen drogen in de herfst geleidelijk in, vaak na een opvallende koper- tot bruinrode verkleuring. De verdroogde pol kan wel gedurende een groot deel van de winter overeind blijven en zo structuur geven. Hoe lang dat winterbeeld behouden blijft, hangt af van regen, wind en sneeuw. De oude groei wordt pas aan het einde van de winter verwijderd.