- Alle Produkte
- Fruitplanten
- Fruitbomen
- Appelbomen
- APFELBAUM REINETTE PROFESSEUR LECRENIER RGF HOCHSTAM
- Appelbomen
Donkerrode dessertappel
Malus domestica 'Reinette Professeur Lecrenier' vormt tamelijk grote, regelmatig gevormde appels. De schil is overwegend donkerrood en fijn geruwd. Het stevige, fijne vruchtvlees heeft het typische karakter van een reinette, met een goed evenwicht tussen zoet en zuur. Het ras is vooral geschikt als eetappel.
De vruchten worden doorgaans in de tweede helft van september geplukt. In een koele, geschikte bewaarruimte blijven ze tot omstreeks begin januari bruikbaar.
Groei en bestuiving
Deze cultivar is een roodgeruwde mutant van 'Reinette de France'. De boom groeit matig krachtig en compacter dan het oorspronkelijke ras. Hij komt ook vroeger in productie en draagt doorgaans beter. Als hoogstam begint de kroon op een stamhoogte van 2,20 m; de boom vraagt voldoende ruimte om zich als grotere fruitboom te ontwikkelen.
'Reinette Professeur Lecrenier' bloeit laat en is gedeeltelijk zelfbestuivend. Voor een betrouwbare vruchtzetting wordt een ander appelras met een overlappende late bloeiperiode aanbevolen. Het ras produceert zelf minder geschikt stuifmeel en is daardoor geen goede bestuiver voor andere appelbomen.
Standplaats en gezondheid
Plant deze appelboom bij voorkeur op een zonnige plaats in een goed doorlatende bodem. De cultivar is weinig vatbaar voor schurft, maar kan gevoeliger zijn voor echte meeldauw. Op zware, langdurig natte grond en in koude, slecht opdrogende situaties vraagt ook vruchtboomkanker extra aandacht.
| Geeignet als | Hochstammsorte, Liebhabersorte für Halb- oder Niederstamm |
| Zertifizierung/Lizenz | Certifruit, RGF |
| Eigenschaft | Später Austrieb |
| Apfeltyp | Tafelapfel |
De cultivar is gedeeltelijk zelfbestuivend en kan dus zonder tweede appelboom enige vruchten vormen. Voor een regelmatige en ruimere opbrengst blijft kruisbestuiving aangewezen. Kies daarvoor een ander appelras dat eveneens laat bloeit. Omdat 'Reinette Professeur Lecrenier' zelf minder geschikt stuifmeel levert, wordt hij niet als goede bestuiver voor andere appelrassen beschouwd.
De appels worden doorgaans in de tweede helft van september geplukt. Het juiste tijdstip hangt mee af van het groeiseizoen, de standplaats en het weer. Pluk wanneer de vruchten voldoende ontwikkeld zijn en bij een lichte draaibeweging loskomen. Onbeschadigde appels kunnen in een koele, donkere en goed verluchte bewaarruimte tot ongeveer begin januari worden bewaard.
'Reinette Professeur Lecrenier' is ontstaan als mutant van 'Reinette de France'. Hij onderscheidt zich door zijn tamelijk donkerrode, fijn geruwde vruchten. De boom groeit compacter, komt vroeger in productie en is doorgaans productiever dan het oorspronkelijke ras. De hoogstam blijft ondanks die compactere cultivarontwikkeling een grotere fruitboom en is daarom vooral geschikt waar voldoende kroonruimte beschikbaar is.
Het ras is zeer weinig vatbaar voor schurft, maar kan wel tamelijk gevoelig zijn voor echte meeldauw. Ook vruchtboomkanker verdient aandacht op zware, natte bodems en op koude plaatsen waar hout en bladeren traag opdrogen. Een zonnige, luchtige standplaats en een goed doorlatende bodem helpen om de ziektedruk te beperken. Vermijd overmatige stikstofbemesting, omdat die een zachte en gevoelige groei kan stimuleren.
Een hoogstam vraagt duidelijk meer ruimte dan een laagstam of halfstam. De kroon begint op een stamhoogte van 2,20 m en ontwikkelt zich daarboven tot een volwaardige boomkroon. De uiteindelijke omvang wordt mede bepaald door de onderstam, bodem, snoei en groeiplaats. Voorzie daarom voldoende afstand tot gebouwen, perceelsgrenzen en andere grote bomen. Deze vorm past vooral in een boomgaard of ruime tuin.