Pruim ‘Stanley’ vormt grote, langwerpige vruchten met een donkerpaarse tot bijna zwarte schil en een blauwe waslaag. Het stevige vruchtvlees smaakt zoet en is eerder matig sappig. De pruimen zijn geschikt als handfruit, maar worden vooral gewaardeerd voor verwerking tot confituur, compote en gedroogde pruimen. In België valt de oogst doorgaans in september.
Bestuiving ‘Stanley’ is zelfbestuivend en kan dus zonder tweede pruimenras vruchten dragen. Een ander gelijktijdig bloeiend ras in de omgeving kan de vruchtzetting wel ondersteunen. De witte bloemen verschijnen gewoonlijk van eind maart tot april en kunnen bij late nachtvorst schade oplopen.
Deze hoogstam heeft een kale stam van ongeveer 2,20 m, met de kroon daarboven. Door de krachtige groei vraagt de boom voldoende ruimte en past hij vooral in een grotere tuin of boomgaard. De uiteindelijke omvang wordt mede bepaald door de gebruikte onderstam, bodem en snoei.
Plant ‘Stanley’ op een zonnige plaats in een voedzame, goed doorlatende bodem die tijdens de groeiperiode niet langdurig uitdroogt. Natte, slecht verluchte grond verhoogt de kans op wortelproblemen. Snoei pruimenbomen beperkt en bij voorkeur tijdens de zomer of kort na de oogst, omdat snoei in de winter de gevoeligheid voor houtziekten kan vergroten.