Vrucht en oogst
Pruim 'Opal' is een vroeg rijpend ras met middelgrote, roodpaarse vruchten. Het gele vruchtvlees is sappig en zoet. De pruimen zijn vooral geschikt om vers te eten en worden in België doorgaans vanaf eind juli tot begin augustus geplukt. Ze bewaren slechts beperkt en worden daarom het best kort na de oogst gegeten of verwerkt.
Bloei en bestuiving
Prunus domestica 'Opal' bloeit in het voorjaar met witte bloemen. Het ras is zelfbestuivend, waardoor één boom vruchten kan dragen. Een andere pruimenboom met een overlappende bloeiperiode kan de vruchtzetting verder ondersteunen, maar is niet noodzakelijk.
Hoogstamvorm en standplaats
Bij deze hoogstam begint de kroon boven een kale stam van 2,20 m. De boom vraagt daardoor meer ruimte dan een halfstam of laagstam en past vooral in een ruime tuin of boomgaard.
Plant 'Opal' bij voorkeur in de zon, zodat de vruchten goed kunnen rijpen. Halfschaduw wordt verdragen, maar kan de rijping vertragen. Een voedzame, goed doorlatende bodem is aangewezen; langdurig natte grond wordt best vermeden.
Snoei pruimenbomen beperkt en bij voorkeur in de zomer, op een droge dag. Verwijder vooral beschadigde, kruisende of naar binnen groeiende takken en behoud een open kroon. Wintersnoei wordt afgeraden omdat snoeiwonden bij steenfruit dan trager herstellen.