Grootvruchtige mirabel met zoete vruchten
Prunus domestica 'Bellamira' vormt ovale, goudgele vruchten van ongeveer 25 gram. Aan de zonzijde kunnen rode stipjes ontstaan. Daarmee zijn de vruchten duidelijk groter dan die van de oudere 'Mirabelle de Nancy'. Het zoete, vrij stevige vruchtvlees laat bij rijpheid goed los van de steen.
De vruchten zijn geschikt als handfruit, maar ook voor confituur, gebak, inmaak en andere verwerkingen. Ze rijpen in de late zomer, doorgaans vóór 'Mirabelle de Nancy'. Het precieze pluktijdstip verschilt volgens standplaats en weersverloop. Rijpe vruchten blijven betrekkelijk goed aan de boom hangen en worden zoeter naarmate ze langer kunnen narijpen.
Groei en bestuiving
'Bellamira' groeit matig sterk, vertakt goed en vormt veel kort vruchthout. Het ras komt doorgaans jong in productie en kan regelmatig dragen. De bloesems zijn zelfbestuivend, zodat één boom vruchten kan vormen. Een andere pruimenboom met een overlappende bloeiperiode kan de vruchtzetting ondersteunen, maar is niet noodzakelijk.
Bij deze laagstam begint de kroon laag bij de grond. Dat maakt de vruchten gemakkelijker bereikbaar voor pluk en onderhoud. De uiteindelijke boomgrootte wordt niet alleen door de laagstamvorm bepaald, maar ook door de gebruikte onderstam, bodem en snoei.
Standplaats en aandachtspunten
Plant deze pruimenboom bij voorkeur in de zon, op een luchtige plaats met een voedzame, goed doorlatende bodem. Vermijd langdurig natte grond. Een zonnige standplaats bevordert de rijping en suikeropbouw van de vruchten.
Door de vrij late rijping kan pruimenmot schade veroorzaken. Controleer de vruchten op kleine boorgaatjes en ruim aangetaste of afgevallen pruimen tijdig op. Snoei bij voorkeur beperkt en tijdens droog weer in de zomer of kort na de oogst.