- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- PERSICARIA POLYSTACHYA
- Vaste planten
Persicaria polystachya vormt een hoge, breed uitgroeiende plantengroep van ongeveer 1,5 meter. Boven het forse blad verschijnen vanaf de late zomer lange, losse bloempluimen met witte tot zachtroze bloemen. De rood aangelopen stengels en de herfstverkleuring van het blad verlengen de sierwaarde tot laat in het seizoen.
Deze duizendknoop groeit het best in de zon of halfschaduw, op een voedselrijke bodem die niet langdurig uitdroogt. Een frisse tot vochtige grond ondersteunt de sterke groei. De bovengrondse delen sterven in de winter af en kunnen worden teruggesneden zodra ze niet langer decoratief zijn.
Aandachtspunt: de plant breidt zich krachtig uit met ondergrondse wortelstokken. Geef hem voldoende ruimte en controleer regelmatig de randen van de plantengroep. Voor kleine borders of plaatsen waar naburige beplanting niet mag worden verdrongen, is een minder groeikrachtige vaste plant doorgaans geschikter.
Persicaria polystachya is een krachtige, wortelstokvormende vaste plant die zich na vestiging breed kan uitbreiden. Hoe snel dit gebeurt, hangt onder meer af van de bodem en de beschikbare ruimte. Op een frisse, voedselrijke grond kan de uitbreiding aanzienlijk zijn. Plant hem daarom bij voorkeur waar een grote plantengroep gewenst is en waar de randen bereikbaar blijven. Verwijder ongewenste uitlopers met de bijbehorende wortelstokken; alleen de bovengrondse stengels afknippen remt de uitbreiding onvoldoende.
Alleen wanneer de groeiruimte zorgvuldig wordt gekozen en de uitbreiding regelmatig wordt gecontroleerd. De plant wordt ongeveer 1,5 meter hoog en groeit door ondergrondse wortelstokken ook sterk in de breedte. Daardoor kan hij kleinere of zwakker groeiende vaste planten verdringen. In een ruime, natuurlijke beplanting komt zijn forse groei beter tot zijn recht. Voor een kleine gemengde border is een compactere Persicaria meestal gemakkelijker beheersbaar.
Een zonnige tot halfschaduwrijke plaats met frisse, voldoende vochtige grond is het meest geschikt. De bodem mag voedselrijk zijn, maar moet geen stilstaand water vasthouden. Op droge grond blijft de groei doorgaans zwakker en kan het blad tijdens langere droogteperioden sneller terugvallen. Geef pas aangeplante exemplaren daarom geregeld water totdat ze goed geworteld zijn. Op een geschikte bodem ontwikkelt de plant zich snel tot een hoge, dichte groep.
De bloei begint doorgaans in de late zomer en loopt in Belgische omstandigheden vooral door in september, soms tot in oktober. De lange, losse bloempluimen zijn licht van kleur en steken duidelijk boven het forse blad uit. De exacte bloeiperiode varieert met de standplaats, het weer en de vochtvoorziening. Een zonnige tot halfschaduwrijke plek met een bodem die niet uitdroogt, ondersteunt een krachtige ontwikkeling en een goede nazomerbloei.
Laat de stengels staan zolang ze nog structuur aan de beplanting geven en knip ze daarna in de late herfst of tegen het einde van de winter tot bij de grond terug. De plant loopt in het voorjaar opnieuw uit vanuit de wortelstokken. Gebruik de snoeibeurt ook om de omvang te controleren. Steek ongewenste uitlopers volledig uit en verwijder zoveel mogelijk van het bijbehorende wortelstelsel om verdere uitbreiding te beperken.