- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- PAPAVER ORIENTALE 'HARVEST MOON'
- Vaste planten
Oosterse klaproos (Papaver orientale) 'Harvest Moon' onderscheidt zich door zijn grote, lichtoranje bloemen. De fijn gekreukte bloemblaadjes omringen een donker hart en verschijnen voornamelijk aan het einde van het voorjaar. Na de bloei blijven decoratieve zaaddozen achter.
Het behaarde, ingesneden blad vormt eerst een stevige pol. Na de bloei begint het bovengrondse deel doorgaans af te sterven en gaat de plant tijdens de zomer in rust. Plant hem daarom tussen vaste planten die de vrijgekomen ruimte later in het seizoen kunnen opvullen.
'Harvest Moon' groeit het best in de zon en op een goed doorlatende bodem. Een droge zomer wordt doorgaans goed verdragen zodra de plant gevestigd is. Zware grond die tijdens de winter langdurig nat blijft, is minder geschikt omdat de vlezige wortels dan kunnen rotten. Door zijn diepe wortelstelsel wordt een gevestigde plant bij voorkeur zo weinig mogelijk verplaatst.
'Harvest Moon' bloeit hoofdzakelijk aan het einde van het voorjaar, doorgaans in mei en juni. Het precieze tijdstip hangt af van de voorjaarstemperaturen en de standplaats. De afzonderlijke bloemen zijn niet bijzonder lang houdbaar, maar meerdere bloemstengels kunnen elkaar opvolgen. Na de bloei ontwikkelen zich zaaddozen die nog enige tijd decoratief blijven. Door de plant tussen later bloeiende vaste planten te zetten, blijft de border ook na de bloeiperiode gevuld.
Het terugtrekken van het blad is een normaal onderdeel van de groeicyclus van een Oosterse klaproos. Na de bloei begint het bovengrondse deel vaak te verdrogen en gaat de plant tijdens de zomer in rust. Dit betekent niet dat de plant afgestorven is. Het wortelstelsel blijft ondergronds aanwezig en vormt later opnieuw blad. Combineer 'Harvest Moon' met vaste planten die zich in de zomer verder ontwikkelen, zodat zij de tijdelijke open ruimte in de border opvullen.
Dat kan alleen wanneer de bodem voldoende afwatert. Vooral tijdens de winter verdraagt deze Oosterse klaproos geen langdurig natte, zware grond. De vlezige wortels worden onder zulke omstandigheden gevoeliger voor rot. Verbeter compacte kleigrond vóór het planten en kies bij voorkeur een iets verhoogde plaats waar overtollig water gemakkelijk weg kan. Op structureel natte klei is een andere vaste plant doorgaans een betrouwbaardere keuze.
Een goed gevestigde plant verdraagt droge zomerperiodes behoorlijk, op voorwaarde dat de bodem voldoende doorlatend is. Geef tijdens het eerste groeiseizoen wel water wanneer de grond langdurig uitdroogt, zodat het wortelstelsel zich goed kan ontwikkelen. Droogtetolerantie betekent niet dat een pas geplante papaver zonder water kan. Een natte winterbodem vormt voor deze plant doorgaans een groter risico dan een tijdelijk droge bodem in de zomer.
Verplanten is mogelijk, maar een gevestigde Oosterse klaproos wordt bij voorkeur met rust gelaten. De plant vormt vlezige, diep reikende wortels die bij het uitgraven gemakkelijk beschadigd raken. Kies daarom vanaf het begin een zonnige plaats met voldoende doorlatende grond. Moet de plant toch worden verplaatst, graaf dan ruim en probeer zoveel mogelijk van het wortelstelsel intact te houden. Houd er rekening mee dat de hergroei na het verplanten tijdelijk minder krachtig kan zijn.