- Alle Produkte
- Fruitplanten
- Fruitbomen
- Mispelbomen
- MESPILUS GERMANICA 'BREDASE REUS' BUSH
- Mispelbomen
Mispel (Mespilus germanica) 'Bredase Reus' vormt grotere vruchten dan de soort en staat bekend om zijn doorgaans rijke vruchtzetting. De dofbruine vruchten worden ongeveer 5 tot 6 cm groot en dragen opvallend lange kelkslippen.
De vruchten zijn bij de pluk nog hard en wrang. Ze worden pas eetbaar nadat het vruchtvlees door narijping zacht en bruin is geworden. Dit proces wordt bletten genoemd en vindt vaak plaats na de eerste nachtvorst, maar kan ook na de pluk op een koele plaats gebeuren. De zachte vruchten kunnen vers worden gegeten en zijn geschikt voor gelei en andere bereidingen.
'Bredase Reus' groeit iets krachtiger dan de gewone mispel en ontwikkelt zware hoofdtakken met een grillige, breed afgeronde kroon. De witte bloemen verschijnen doorgaans in mei en juni. In de herfst verkleurt het groene blad naar goudgeel en roodbruin.
Deze laagstam heeft een laag aangezette kroon, waardoor plukken en snoeien gemakkelijker bereikbaar blijven. Laagstam betekent echter niet dat de boom vanzelf klein blijft: de uiteindelijke omvang wordt mede bepaald door de onderstam, bodem en snoei.
Plant de boom bij voorkeur in de zon, in een vruchtbare en voldoende vochthoudende maar goed doorlatende bodem. 'Bredase Reus' verdraagt kalk en wind vrij goed. Langdurig natte grond en volledig verharde groeiplaatsen zijn minder geschikt. Door de diepe beworteling verplant een ouder exemplaar minder gemakkelijk.
| Standort | Sonne, Halbschatten, Schatten |
| Wuchsgeschwindigkeit | Mittel |
Ja. 'Bredase Reus' kan zonder tweede mispelboom vruchten vormen. Een afzonderlijk geplante boom kan dus al een oogst geven. De uiteindelijke vruchtzetting blijft wel afhankelijk van de bloeiomstandigheden, de aanwezigheid van bestuivende insecten en de algemene gezondheid van de boom. Koud of nat weer tijdens de bloei kan de bestuiving tijdelijk beperken.
De vruchten worden in de late herfst geoogst, maar zijn dan meestal nog hard en wrang. Ze zijn pas geschikt voor consumptie wanneer het vruchtvlees na bletting zacht en bruin is geworden. Dat gebeurt vaak na de eerste nachtvorst. De vruchten kunnen ook worden geplukt en koel, droog en in één laag worden bewaard tot ze voldoende zacht zijn.
Niet noodzakelijk. Laagstam verwijst naar de laag aangezette kroon en niet naar een vaste eindhoogte. De uiteindelijke boomgrootte hangt vooral af van de gebruikte onderstam, de bodem, de groeiplaats en de snoei. Vraag daarom naar de onderstam wanneer de beschikbare ruimte beperkt is. De lage kroon maakt de vruchten wel gemakkelijker bereikbaar dan bij een halfstam of hoogstam.
Volledig zacht geworden mispels kunnen rechtstreeks worden uitgelepeld. Door hun zachte vruchtvlees en natuurlijke pectine zijn ze ook geschikt voor gelei, confituur, compote en andere bereidingen. Verwerk alleen vruchten die goed zijn nageblet. Harde, pas geplukte mispels hebben nog een wrange smaak en zijn niet geschikt om meteen te eten.
Een mispel vraagt doorgaans weinig snoei. Verwijder vooral dood, beschadigd of kruisend hout en behoud een open, evenwichtige kroon. Sterke jaarlijkse terugsnoei is niet nodig en kan veel nieuwe scheutgroei veroorzaken. Snoei bij voorkeur beperkt en vermijd grote snoeiwonden. Bij een jonge laagstam kan lichte vormsnoei helpen om goed verdeelde gesteltakken op te bouwen.