- Alle Produkte
- Sierplanten
- Bomen
- Meerstammige
- CARPINUS BETULUS MEERSTAM
- Meerstammige
Meerstammige haagbeuk met een natuurlijke kroon
De haagbeuk (Carpinus betulus) groeit in deze productvorm met meerdere stammen vanaf de basis. Daardoor ontstaat een bredere en minder formele kroon dan bij een klassieke hoogstam. De vertakte stamstructuur blijft zichtbaar en maakt deze vorm vooral geschikt als solitaire boom in een tuin, park of landschappelijke beplanting.
Het blad loopt frisgroen uit en vormt tijdens de zomer een dicht bladerdek. In de herfst verkleurt het geel en later bruin. Een deel van het verdroogde blad kan tijdens de winter aan de takken blijven hangen, vooral op jongere twijgen. De hoeveelheid achterblijvend blad verschilt per standplaats en winter.
Standplaats en bodem
Carpinus betulus groeit in zon, halfschaduw en schaduw. Een diepe, vochthoudende maar voldoende doorlatende bodem geeft de beste groei. De soort is bruikbaar op zand-, leem- en kleigrond en verdraagt na een goede inworteling ook tijdelijk drogere omstandigheden. Langdurig natte, zuurstofarme grond is minder geschikt.
Haagbeuk is goed winterhard in België en verdraagt wind. Houd bij de aanplant rekening met de uiteindelijke omvang: zonder begeleidende snoei kan deze meerstammige vorm uitgroeien tot een forse boom. Snoei is voornamelijk nodig om de kroon te begeleiden, voldoende doorgang te behouden of de ontwikkeling binnen de beschikbare ruimte te sturen.
Een meerstammige haagbeuk kan zonder regelmatige snoei uitgroeien tot een forse boom. De uiteindelijke hoogte en breedte hangen af van de bodem, de beschikbare wortelruimte en de manier waarop de kroon wordt begeleid. Door de stammen vanaf de basis neemt deze vorm doorgaans meer ruimte in op maaiveldniveau dan een hoogstam. Voorzie daarom voldoende afstand tot gevels, verhardingen en perceelsgrenzen. Met gerichte snoei kan de kroon binnen zekere grenzen worden gehouden, maar de natuurlijke groeikracht maakt deze vorm minder geschikt voor een zeer kleine plantplaats.
Een deel van het verdroogde blad kan tijdens de winter aan de takken blijven hangen, maar een meerstammige haagbeuk is niet wintergroen. Het blad verkleurt in de herfst eerst geel en vervolgens bruin. Hoeveel blad behouden blijft, verschilt per jaar en per exemplaar. Jongere twijgen en regelmatig gesnoeide delen houden doorgaans meer droog blad vast dan oudere, vrij uitgroeiende takken. Tegen het uitlopen van het nieuwe blad valt het resterende oude blad af.
Ja. Carpinus betulus verdraagt zowel zon als halfschaduw en schaduw. Op een sterk beschaduwde standplaats kan de kroon wat losser worden dan op een lichtere plek. Een bodem die voldoende vocht vasthoudt maar niet langdurig nat blijft, is belangrijker dan volle zon. Onder bestaande bomen moet rekening worden gehouden met concurrentie om water en voedingsstoffen. Geef een nieuw aangeplant exemplaar daar tijdens droge perioden voldoende water, totdat het wortelgestel zich goed heeft ontwikkeld.
Een meerstammige haagbeuk hoeft niet jaarlijks strak gesnoeid te worden. Begeleidende snoei kan wel nodig zijn om kruisende takken te verwijderen, de stamstructuur zichtbaar te houden of voldoende doorgang onder de kroon te creëren. Verwijder zware takken niet zonder reden, omdat grote snoeiwonden langzaam sluiten. Wanneer de beschikbare ruimte beperkt is, vraagt deze groeivorm op termijn meer sturing. Begin daarom vroeg met kleine correcties in plaats van later ingrijpend terug te snoeien.
Een goed ingewortelde haagbeuk verdraagt tijdelijke droge perioden, maar groeit het best in een vochthoudende bodem. Op droge zandgrond is de groei doorgaans trager en kan het blad tijdens langdurige zomerdroogte vroeg verkleuren of gedeeltelijk afvallen. Geef vooral tijdens de eerste jaren na aanplant diep en gericht water. Een mulchlaag helpt om verdamping te beperken, maar mag niet tegen de stammen worden opgehoopt. Langdurig natte, slecht doorluchte grond is evenmin geschikt.