- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- LIGULARIA DENTATA 'OTHELLO'
- Vaste planten
Ligularia dentata 'Othello' wordt vooral gekozen om zijn grote, vrijwel ronde bladeren. Het blad is donkergroen tot bronskleurig, met een purperrode onderzijde. De brede bladpol wordt doorgaans ongeveer 80 tot 100 cm hoog en vormt een uitgesproken structuurplant in een vochtige border.
In juli en augustus verschijnen warm oranjegele, margrietachtige bloemhoofdjes op donkere, vertakte stengels. De bloei kan bij gunstig weer tot in september aanhouden. Het bovengrondse deel sterft in het najaar af en loopt in het voorjaar opnieuw uit.
Standplaats en bodem
Deze Ligularia groeit het best in halfschaduw op een diepe, humusrijke en blijvend vochtige bodem. Zon wordt verdragen wanneer de grond ook tijdens warme perioden voldoende vochtig blijft. Een hete, droge of sterk winderige standplaats is minder geschikt: bij watertekort gaan de grote bladeren snel slap hangen.
'Othello' past goed in een vochtige border, aan een bosrand of langs een vijver waar de bodem vochtig maar niet voortdurend onder water staat. Op lichte, snel uitdrogende grond vraagt de plant meer opvolging. Jonge scheuten en bladeren kunnen in het voorjaar door slakken worden beschadigd.
Slap hangende bladeren wijzen meestal op watertekort of sterke verdamping tijdens warm, zonnig weer. Door het grote blad verliest 'Othello' veel vocht. Controleer of de bodem onder het oppervlak nog vochtig is en geef zo nodig ruim water. Een humusrijke bodem en een laag organische mulch helpen om vocht vast te houden. Keert het probleem regelmatig terug, dan staat de plant waarschijnlijk te droog of te zonnig. Halfschaduw, met bescherming tegen de hete middagzon, is doorgaans geschikter.
Dat kan alleen wanneer de bodem gedurende het groeiseizoen gelijkmatig vochtig blijft. Op een zonnige plaats warmt de plant sterker op en kunnen de grote bladeren tijdens droge perioden snel slap worden. In Belgische tuinen is lichte halfschaduw meestal de veiligste keuze, vooral op zandgrond of een beschutte zuidgerichte plek. Nabij water is zon beter mogelijk, zolang de wortelzone vochtig blijft zonder dat de plant permanent in stilstaand water staat.
Ja, op voorwaarde dat de plant in vochtige grond naast de vijver staat en niet als waterplant wordt gebruikt. De vijverrand biedt vaak de koele, vochthoudende omstandigheden waarin het grote blad zich goed ontwikkelt. Kies een plaats in zon tot halfschaduw waar de bodem humusrijk is en niet langdurig uitdroogt. Vermijd een zone die permanent onder water staat. De donkere bladeren en oranjegele bloemen combineren er goed met andere vaste planten die eveneens vochtige grond verlangen.
Controleer vooral in het voorjaar regelmatig de jonge scheuten en de onderzijde van het blad. Slakken kunnen het uitlopende blad beschadigen voordat de pol volledig ontwikkeld is. Verwijder schuilplaatsen zoals dichte hopen afgestorven blad vlak rond de plant en verzamel slakken bij voorkeur in de avond of na regen. Een open bodemoppervlak rond de jonge scheuten maakt controle eenvoudiger. Beschadigd blad hoeft niet onmiddellijk verwijderd te worden zolang het nog voldoende groen oppervlak heeft.
'Othello' bereikt doorgaans ongeveer 80 tot 100 cm hoogte, waarbij de bloemstengels boven de bladpol uitsteken. De plant vormt geleidelijk een brede pol en heeft daarom voldoende ruimte nodig tussen fijnere of zwakker groeiende vaste planten. De uiteindelijke ontwikkeling hangt sterk af van de bodem: op een diepe, voedselrijke en blijvend vochtige standplaats groeit de pol forser dan op droge of arme grond. De bovengrondse delen verdwijnen ieder najaar volledig.