- Alle Produkte
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- HYPERICUM DUMMERI 'PETER DUMMER'
- Bladverliezend
Hertshooi 'Peter Dummer' is een lage, dicht vertakte heester die ongeveer 20 tot 50 cm hoog wordt en zich breed over de bodem ontwikkelt. De goudgele, open bloemen verschijnen vanaf juni. Onder gunstige omstandigheden kan de bloei een groot deel van de zomer aanhouden en tot in de vroege herfst doorgaan.
Na de bloei kunnen vlezige, aanvankelijk rode vruchten ontstaan. Ze geven de plant extra sierwaarde wanneer de hoofdbloei afneemt. Het donkergroene tot blauwgroene blad blijft vaak lang aan de takken, maar in het Belgische klimaat is deze cultivar niet betrouwbaar wintergroen.
'Peter Dummer' groeit in de zon en halfschaduw. Een goed doorlatende bodem is belangrijk, vooral tijdens de winter. Eenmaal goed ingeworteld verdraagt de plant droge perioden, maar langdurig natte grond is minder geschikt.
Door zijn lage, brede groei kan deze cultivar als bodembedekker, in de voorrand van een border of op een talud worden gebruikt. Terugsnoeien aan het einde van de winter stimuleert de vorming van jonge, bloeiende scheuten en houdt de beplanting compact.
'Peter Dummer' blijft doorgaans ongeveer 20 tot 50 cm hoog. De plant groeit breder dan hoog en vormt een dicht vertakte, lage heester. Daardoor past hij vooraan in een border, tussen hogere heesters of op een talud. De beschikbare breedte hangt mee af van de bodem en de snoei. Door de planten regelmatig terug te snoeien, blijft de beplanting compacter en ontstaan nieuwe scheuten waarop de bloemen verschijnen.
Snoei 'Peter Dummer' aan het einde van de winter of vroeg in het voorjaar, voordat de nieuwe groei goed op gang komt. De oude scheuten mogen daarbij stevig worden ingekort. Dit bevordert de vorming van jonge twijgen en helpt om de lage, dichte groeiwijze te behouden. Verwijder tegelijk beschadigde of afgestorven takken. Snoei niet tijdens een periode met strenge vorst en wacht bij aanhoudend koud weer tot de weersomstandigheden zachter worden.
Ja, deze cultivar verdraagt droge perioden zodra het wortelgestel voldoende ontwikkeld is. Tijdens het eerste groeiseizoen blijft regelmatig water geven belangrijk, vooral op lichte zandgrond en bij warm zomerweer. De bodem moet bij voorkeur goed doorlatend zijn. Langdurig natte grond, met name in de winter, verhoogt de kans op een zwakke groei en wortelproblemen. Op zeer droge standplaatsen kan de bloei beperkter blijven wanneer de plant tijdens langdurige droogte geen aanvullend water krijgt.
Reken in België niet op een volledig wintergroene plant. Het blad kan in een zachte en beschutte winter lang aan de takken blijven, maar bij kouder weer verliest de plant doorgaans een groot deel van zijn bladeren. Dit wisselende gedrag verklaart waarom de cultivar soms als bladverliezend en soms als gedeeltelijk bladhoudend wordt beschreven. Het eventuele bladverlies heeft geen nadelige invloed op de bloei: na de wintersnoei vormt de plant opnieuw jonge scheuten.
Na een geslaagde bloei kunnen vlezige siervruchten ontstaan. Ze zijn aanvankelijk rood en vallen daardoor goed op tussen het donkere blad. Niet iedere bloem ontwikkelt zich tot een vrucht; de hoeveelheid varieert met de groeiomstandigheden en het weer tijdens de bloei. Wie de vruchten wil behouden, snoeit de plant niet onmiddellijk na de zomerbloei. De gebruikelijke stevige snoei gebeurt beter aan het einde van de winter, voordat de nieuwe groei begint.