- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- HOSTA HYBRIDE 'CAROL'
- Vaste planten
Hosta ‘Carol’ onderscheidt zich door het donkergroene blad met een onregelmatige, roomwitte rand. De cultivar vormt een compacte, gelijkmatige pol en blijft daardoor overzichtelijk in een schaduwborder of tussen andere vaste planten.
In de zomer verschijnen lila bloemen boven het blad. Zoals andere bladverliezende hosta’s sterft ‘Carol’ in het najaar bovengronds af. In het voorjaar loopt de plant opnieuw uit vanuit de wortelstok.
Plant deze hartlelie bij voorkeur in halfschaduw of schaduw, op een humusrijke bodem die voldoende vocht vasthoudt maar niet langdurig drassig blijft. Op een droge standplaats kan het blad tijdens warme perioden verdrogen. Bescherm de jonge scheuten en bladeren indien nodig tegen slakkenvraat.
Hosta ‘Carol’ heeft donkergroene bladeren met een onregelmatige, roomwitte rand. De lichte bladrand vormt het belangrijkste verschil met volledig groenbladige hosta’s. De tekening blijft het duidelijkst wanneer de plant voldoende licht krijgt zonder langdurig aan felle middagzon te worden blootgesteld. In zeer diepe schaduw kan het kleurcontrast minder uitgesproken zijn.
Ja, Hosta ‘Carol’ kan in de schaduw groeien. Een plaats in halfschaduw geeft doorgaans de beste combinatie van groei en duidelijke bladtekening. Onder bomen en struiken moet de bodem voldoende vochthoudend blijven, want concurrentie van boomwortels kan tot droogtestress leiden. Een humusrijke bodem en een laag organisch materiaal helpen om het beschikbare vocht beter vast te houden.
Enkele uren zachte ochtend- of avondzon zijn doorgaans mogelijk wanneer de bodem gelijkmatig vochtig blijft. Felle middagzon, vooral in combinatie met droge grond, verhoogt de kans op verdroogde of verbrande bladranden. Kies daarom bij voorkeur een plaats in halfschaduw. Op een lichtere standplaats vraagt de plant tijdens warme, droge perioden meer aandacht voor de watervoorziening.
Ja. Hosta ‘Carol’ is een bladverliezende vaste plant. Het blad vergeelt en sterft in het najaar bovengronds af, terwijl de wortelstok in rust blijft. In het voorjaar verschijnen nieuwe scheuten vanuit de grond. Het afgestorven blad kan in het late najaar of vóór de nieuwe uitloop worden verwijderd, zodat jonge scheuten vrij kunnen ontwikkelen.
De jonge scheuten en bladeren kunnen door slakken worden aangevreten, vooral tijdens vochtige voorjaarsnachten. Controleer de plant vanaf het begin van de uitloop en verwijder schuilplaatsen zoals dicht plantenafval in de onmiddellijke omgeving. Een luchtige standplaats en tijdig ingrijpen beperken schade. Geef bij voorkeur ’s morgens water, zodat het bodemoppervlak tegen de avond minder lang nat blijft.