- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- HIERACIUM AURANTIACUM
- Vaste planten
Oranje havikskruid (Hieracium aurantiacum, ook bekend als Pilosella aurantiaca) bloeit in de zomer met oranjerode bloemhoofdjes op slanke, behaarde stengels. De bloemen staan boven lage rozetten van langwerpig, grijsgroen tot donkergroen blad.
De plant wordt doorgaans 20 tot 40 cm hoog en breidt zich uit via korte bovengrondse uitlopers. Hierdoor kan hij op een geschikte standplaats geleidelijk een groter vak innemen. Waar uitzaaiing of uitbreiding niet gewenst is, worden de uitgebloeide bloemstengels het best tijdig verwijderd.
Hieracium aurantiacum verkiest volle zon en een goed doorlatende, eerder droge en voedselarme bodem. Een te rijke of langdurig natte grond is minder geschikt. De soort past daardoor vooral in rotstuinen, stenige borders, schrale grasvegetaties en andere open beplantingen waar concurrentiekrachtige vaste planten beperkt blijven.
De open bloemhoofdjes worden bezocht door bestuivende insecten. Oranje havikskruid is goed winterhard in België en vraagt weinig verzorging, maar de uitbreiding via uitlopers verdient opvolging in kleine of strak opgebouwde borders.
Oranje havikskruid breidt zich uit via korte bovengrondse uitlopers en kan zich daarnaast uitzaaien. Op een zonnige, schrale bodem kan de plant daardoor geleidelijk een groter vak vormen. Controleer de randen van de pol wanneer hij tussen minder krachtige vaste planten staat. Ongewenste rozetten zijn doorgaans eenvoudig uit te trekken. Het verwijderen van uitgebloeide bloemstengels beperkt de uitzaaiing en houdt de beplanting overzichtelijk.
Ja. Een zonnige, droge en goed doorlatende zandgrond past goed bij Hieracium aurantiacum, zeker wanneer de bodem niet te voedselrijk is. Geef na het planten voldoende water totdat de wortels gevestigd zijn. Daarna verdraagt de plant tijdelijke droogte doorgaans goed. Langdurig natte grond is minder geschikt, vooral in de winter. Op zware grond is een luchtige, verhoogde plantplaats daarom veiliger.
De soort kan een lage, losse bodembedekking vormen doordat de bladrozetten zich met uitlopers verspreiden. Hij is vooral bruikbaar op zonnige, droge en schrale plaatsen waar hogere planten weinig concurrentie geven. Voor een strak begrensd plantvak is opvolging nodig, omdat nieuwe rozetten buiten de oorspronkelijke pol kunnen verschijnen. Onder bomen of tussen krachtige vaste planten groeit oranje havikskruid doorgaans minder goed.
De hoofdbloei valt doorgaans van juni tot augustus. De precieze bloeiperiode verschuift met het voorjaarsweer, de standplaats en de bodem. In volle zon ontwikkelen de bloemstengels en de oranjerode kleur zich het duidelijkst. Door uitgebloeide stengels weg te nemen blijft het blad ordelijk en wordt ongewenste uitzaaiing beperkt. De lage bladrozetten blijven na de bloei zichtbaar.
Een echte snoei is niet nodig. Knip de bloemstengels na de bloei bij de basis weg wanneer uitzaaiing niet gewenst is. Te ver uitgegroeide rozetten kunnen met hun uitlopers worden verwijderd. Vermijd een zware bemesting: die stimuleert vooral een lossere bladgroei en past niet bij het natuurlijke karakter van deze soort. Een open, schrale bodem houdt de groei compacter.