- Alle Produkte
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- HAMAMELIS INTERMEDIA 'JELENA'
- Bladverliezend
Hamamelis × intermedia 'Jelena' onderscheidt zich door zijn koperoranje winterbloei. De smalle, gekrulde bloemblaadjes verschijnen op de kale takken, doorgaans in januari en februari. Tijdens vorst kunnen de bloemen zich tijdelijk sluiten; bij zachter weer ontvouwen ze zich opnieuw.
'Jelena' groeit uit tot een forse, breed vaasvormige struik van ongeveer 3 tot 5 meter hoog en doorgaans minstens even breed. Geef deze toverhazelaar daarom voldoende ruimte om zijn natuurlijke groeiwijze te behouden. Het donkergroene blad krijgt in de herfst een uitgesproken mengeling van gele, oranje en rode tinten.
Een zonnige tot halfschaduwrijke standplaats en een humusrijke, vochthoudende maar goed doorlatende bodem geven de beste resultaten. De grond is bij voorkeur licht zuur en kalkarm. Op kalkrijke bodem kan de opname van voedingsstoffen verstoord raken, waardoor het blad geel verkleurt. Vermijd ook langdurig natte of sterk verdichte grond.
Door zijn brede ontwikkeling komt 'Jelena' het best tot zijn recht als solitaire struik in een middelgrote tot ruime tuin. Snoei is doorgaans niet nodig en kan de karakteristieke vaasvorm verstoren. Beperk eventuele correcties tot het verwijderen van beschadigde, kruisende of ongewenste takken na de bloei.
'Jelena' groeit op termijn uit tot een forse struik van ongeveer 3 tot 5 meter hoog. De kroon ontwikkelt zich breed vaasvormig en wordt doorgaans minstens even breed als de plant hoog is. De uiteindelijke afmetingen hangen mede af van bodem, standplaats en ouderdom. Reken daarom niet alleen voldoende hoogte, maar vooral voldoende vrije ruimte rondom de plant. In een kleine tuin kan de brede groei na verloop van tijd te veel plaats innemen.
De smalle bloemblaadjes kunnen zich bij vorst oprollen of sluiten. Daardoor wordt het kwetsbare bloemweefsel gedeeltelijk tegen lage temperaturen beschermd. Zodra het weer zachter wordt, ontvouwen de bloemen zich meestal opnieuw. Dit natuurlijke mechanisme verklaart waarom de winterbloei een vorstperiode vaak kan doorstaan. Aanhoudend streng winterweer kan de bloei wel tijdelijk onderbreken, maar een korte vorstperiode betekent niet meteen dat alle bloemen verloren zijn.
Kalkrijke grond is minder geschikt voor deze toverhazelaar. 'Jelena' groeit het best in een humusrijke, kalkarme bodem met een licht zure reactie. Bij een hoge pH kan de plant bepaalde voedingsstoffen moeilijker opnemen. Het blad kan dan geel worden terwijl de nerven groener blijven, een verschijnsel dat op chlorose wijst. Kies daarom bij voorkeur meteen een geschikte standplaats; plaatselijk wat zure grond toevoegen volstaat meestal niet wanneer de omringende bodem sterk kalkrijk blijft.
Regelmatige snoei is niet nodig. Deze cultivar ontwikkelt van nature een brede, vaasvormige kroon die het best behouden blijft wanneer de plant vrij kan groeien. Verwijder alleen beschadigde, kruisende of verkeerd geplaatste takken. Doe dit bij voorkeur beperkt en na de bloei. Zware snoei kan de natuurlijke vorm verstoren en veroorzaakt vaak een minder evenwichtige hergroei. Kies daarom bij de aanplant meteen een plaats waar de struik zijn volwassen breedte kan bereiken.
Alleen wanneer er voldoende vrije ruimte beschikbaar is. 'Jelena' blijft niet compact, maar groeit uit tot een brede struik van ongeveer 3 tot 5 meter hoog en minstens even breed. Dicht bij een gevel, pad of perceelsgrens kan de plant daardoor later hinder veroorzaken. Een middelgrote tot ruime tuin past beter bij zijn natuurlijke ontwikkeling. Wie hem toch in een kleinere tuin plant, moet voldoende afstand bewaren en niet rekenen op regelmatige snoei om de struik blijvend smal te houden.