- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- GERANIUM PHAEUM 'ROSE MADDER'
- Vaste planten
Geranium phaeum 'Rose Madder' onderscheidt zich door zijn gedempte rozerode bloemen, een ongebruikelijke tint binnen deze groep ooievaarsbekken. De kleine bloemen hebben teruggeslagen kroonbladen en donkerdere nerven. Ze verschijnen vooral in mei en juni op fijne stengels van ongeveer 60 tot 70 cm hoog.
Het lichtgroene blad vertoont bruinachtige vlekken en vormt brede pollen van ongeveer 30 tot 40 cm hoog. De bloemstelen steken daar duidelijk bovenuit. Deze cultivar komt het best tot zijn recht in halfschaduw tot schaduw, op een humusrijke bodem die voldoende vocht vasthoudt maar niet langdurig nat blijft.
Na de eerste bloei kunnen de uitgebloeide stengels en het minder frisse blad worden teruggeknipt. Dat stimuleert de vorming van nieuw loof en kan later in het seizoen nog enkele bloemen opleveren. De plant is bladverliezend: het bovengrondse deel sterft in de winter af en loopt in het voorjaar opnieuw uit. Grote, dichtgegroeide pollen kunnen in het voorjaar worden gedeeld.
Ja, deze cultivar kan op een schaduwrijke standplaats groeien. De beste combinatie van groei en bloei wordt doorgaans bereikt in halfschaduw of lichte schaduw, op een bodem die niet sterk uitdroogt. In zeer donkere én droge schaduw kan de plant minder krachtig groeien en minder bloemen vormen. Een humusrijke, vochthoudende maar goed doorlatende bodem helpt om de pol vitaal te houden.
De bloemen zijn gedempt rozerood tot donker oudroze, met donkerdere nerven. De kleur is zachter en minder paarsbruin dan bij veel andere cultivars van Geranium phaeum. Ze kan door lichtinval en ontwikkelingsstadium enigszins variëren. De afzonderlijke bloemen zijn vrij klein en staan op fijne stengels boven het blad.
De bloeiende plant bereikt doorgaans ongeveer 60 tot 70 cm. Het blad blijft lager en vormt een brede pol van circa 30 tot 40 cm hoog. Daardoor ontstaat een luchtige opbouw waarbij de fijne bloemstelen duidelijk boven het loof uitsteken. De uiteindelijke hoogte kan enigszins verschillen naargelang bodem, vochtvoorziening en hoeveelheid licht.
Terugknippen na de hoofdbloei kan nieuw blad en een beperkte nabloei stimuleren. Verwijder daarvoor de uitgebloeide bloemstengels en eventueel het minder frisse loof. Een tweede bloei is doorgaans minder rijk dan de bloei in mei en juni en hangt af van de groeiomstandigheden. Geef na het terugknippen water wanneer de bodem droog is, zodat de plant vlot opnieuw kan uitlopen.
Ja, de tolerantie voor halfschaduw en schaduw maakt deze ooievaarsbek bruikbaar onder open, bladverliezende struiken. De plant profiteert er in het voorjaar van het licht voordat de struiken volledig in blad staan. Vermijd plaatsen waar sterke wortelconcurrentie de bodem voortdurend droog houdt. Een humusrijke bodem en een laag organisch materiaal helpen om het beschikbare vocht beter vast te houden.