Gentiana septemfida var. lagodechiana is een lage, matvormende vaste plant met kruipende stengels en tegenoverstaande, groene bladeren. De plant wordt ongeveer 10 cm hoog en breidt zich geleidelijk uit tot een compacte pol.
De bloei valt in de late zomer. Aan de uiteinden van de stengels verschijnen één tot drie helderblauwe, trompetvormige bloemen. Door de beperkte hoogte komt de plant goed tot zijn recht vooraan in een border, in een rotstuin, tussen stapstenen of in een goed gedraineerde plantenbak.
Deze gentiaan groeit het best in de zon, op een humusrijke bodem die vochthoudend maar goed doorlatend is. Langdurig natte grond verhoogt het risico op wortelrot. De bodem mag tijdens de groei niet volledig uitdrogen, waardoor een evenwicht tussen vochthoudend vermogen en drainage belangrijk is.
De plant is bladverliezend en vraagt geen specifieke snoei. Slakken kunnen jonge scheuten en bladeren beschadigen, vooral tijdens vochtige voorjaarsperiodes.