Friszure bewaarappel uit Doornik
Franse Renet, ook bekend als Malus domestica 'Reinette de France', is een oud Belgisch appelras dat omstreeks 1853 in Doornik werd aangetroffen. De middelgrote appels zijn breed en afgeplat. Hun oranjegele tot koperkleurige schil krijgt aan de zonzijde een rode blos en fijne rode strepen.
Het stevige, roomkleurige vruchtvlees is gemiddeld sappig en uitgesproken aromatisch. De smaak is friszurig, met een licht ananasachtig accent. Franse Renet kan vers worden gegeten, maar is door zijn stevige vruchtvlees en frisse smaak ook geschikt voor moes, gebak en andere bereidingen.
Oogst en bestuiving
De appels worden laat geoogst, doorgaans tegen het einde van oktober. Ze komen tijdens de bewaring verder op smaak en zijn vooral geschikt voor gebruik vanaf november. Bij een goede, koele bewaring blijven ze doorgaans tot maart bruikbaar.
Franse Renet bloeit laat in het voorjaar. Reken voor een betrouwbare vruchtzetting op een andere appelboom met een overlappende bloeiperiode in de omgeving. Een zonnige standplaats bevordert zowel de bloei als het rijpen en kleuren van de vruchten.
Laagstam
Bij deze laagstam begint de kroon dicht bij de grond. Daardoor blijven snoei, controle en oogst gemakkelijker bereikbaar dan bij een halfstam of hoogstam. De uiteindelijke groeikracht en boomhoogte hangen vooral af van de gebruikte onderstam en de plaatselijke groeiomstandigheden.
Plant de boom in een voedzame, voldoende doorlatende bodem die tijdens het groeiseizoen niet langdurig uitdroogt. Vermijd plaatsen waar na regen lang water rond de wortels blijft staan. Dun een dichtgroeiende kroon tijdig uit, zodat licht en lucht de vruchttakken kunnen bereiken.