- Alle Produkte
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- ELAEAGNUS ANGUSTIFOLIA
- Bladverliezend
De smalbladige olijfwilg (Elaeagnus angustifolia) groeit als een hoge struik of kleine, vaak meerstammige boom. De kroon blijft vrij open en ontwikkelt zich onregelmatig, met dunne, uitwaaierende takken die stevige doornen kunnen dragen. Onder Belgische omstandigheden wordt de plant doorgaans 4 tot 8 meter hoog.
Het smalle, dofgroene blad heeft een zilverwitte, viltige onderzijde. Daardoor krijgt de kroon vooral bij wind een uitgesproken zilvergrijs uitzicht. In mei en juni verschijnen kleine, zilvergele bloemen. Ze vallen visueel weinig op, maar verspreiden een sterke geur en worden door bijen bezocht.
Na de bloei kunnen kleine, ovale gele vruchten ontstaan. Ze zijn eetbaar en hebben een lichtzoete smaak, maar de soort wordt hoofdzakelijk om zijn zilverkleurige blad en karaktervolle groei aangeplant.
Standplaats en toepassing
Elaeagnus angustifolia groeit het best in de volle zon en verdraagt droge, kalkrijke grond. Een goed doorlatende bodem is belangrijker dan een hoge voedselrijkdom. Dankzij de goede windbestendigheid is de soort bruikbaar op open standplaatsen en in kustgebieden. Ook strooizout en stedelijke omstandigheden worden vrij goed verdragen.
Door zijn brede, losse kroon vraagt de smalbladige olijfwilg voldoende ruimte. Hij komt vooral tot zijn recht als solitaire struik, kleine landschappelijke boom of meerstammig exemplaar. Snoei is doorgaans beperkt tot het verwijderen van ongewenste, kruisende of beschadigde takken.
| Standort | Sonne, Halbschatten |
| Blütezeit | April, Mai |
| Wuchsgeschwindigkeit | Schnell, Mittel |
| Eigenschaft | Bienenweide, Duftende Blätter oder Nadeln |
| Blütenfarbe | Gelb |
De smalbladige olijfwilg wordt onder Belgische omstandigheden doorgaans 4 tot 8 meter hoog. De uiteindelijke grootte hangt af van de bodem, standplaats en gekozen groeivorm. Als vrijgroeiende struik of meerstammige boom ontwikkelt hij een brede, losse kroon van ongeveer 5 tot 7 meter. Op arme, droge grond blijft de groei meestal beperkter. Door deze breedte is voldoende vrije ruimte nodig; voor een smalle stadstuin is de soort minder geschikt zonder regelmatige vormsnoei.
Ja. Elaeagnus angustifolia verdraagt droge zandgrond goed zodra de plant voldoende is ingeworteld. Een zonnige, goed doorlatende bodem past het best bij deze soort. Ook kalk in de grond vormt doorgaans geen probleem. Geef tijdens het eerste groeiseizoen wel regelmatig water, vooral bij voorjaarsaanplant of langdurige droogte. Blijvend natte grond is minder geschikt, omdat de wortels daar onvoldoende lucht krijgen.
Ja. De kleine, ovale vruchten van de smalbladige olijfwilg zijn eetbaar en smaken lichtzoet. Ze zijn geel wanneer ze rijp zijn en bevatten een pit. De vruchtzetting kan verschillen naargelang standplaats, bloeiomstandigheden en bestuiving. De soort wordt niet als volwaardige fruitplant geteeld: de vruchten zijn klein en de opbrengst is minder voorspelbaar dan bij geselecteerde fruitrassen. De voornaamste sierwaarde blijft het zilvergrijze blad.
Ja. De smalbladige olijfwilg is goed bestand tegen wind en kan op open standplaatsen worden gebruikt. Ook in kustgebieden houdt de soort doorgaans goed stand. Het smalle blad en de open kroon laten veel wind door, waardoor de takken minder wind vangen dan bij een dicht vertakte boom. Jonge planten worden na aanplant best stevig verankerd totdat ze voldoende beworteld zijn. Een goed doorlatende bodem blijft ook op een winderige locatie belangrijk.
Nee. Bij een vrijgroeiende smalbladige olijfwilg volstaat meestal een beperkte onderhoudssnoei. Verwijder beschadigde, kruisende of ongewenst laag groeiende takken en behoud daarbij de natuurlijke, losse kroonvorm. Houd rekening met de doornen op de twijgen en draag stevige handschoenen. Sterke snoei is alleen nodig wanneer de plant te breed wordt voor zijn standplaats. Voldoende ruimte bij de aanplant voorkomt dat later regelmatig moet worden ingegrepen.