- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- DODECATHEON MEADIA 'QUEEN VICTORIA'
- Vaste planten
Opvallende voorjaarsbloei
Twaalfgodenkruid (Dodecatheon meadia 'Queen Victoria') vormt in het voorjaar een rozet van frisgroene bladeren. Daarboven verschijnen slanke bloemstengels met zachtroze tot magentaroze bloemen. De sterk teruggeslagen kroonbladen en vooruitstekende meeldraden geven de bloemen hun kenmerkende, cyclamenachtige vorm.
Deze vaste plant heeft een kort groeiseizoen. Na de bloei trekt het blad vroeg in de zomer volledig in. De plant is dan niet afgestorven, maar bevindt zich ondergronds in rust. Markeer daarom de plantplaats en combineer haar eventueel met later ontwikkelende vaste planten die de vrijgekomen ruimte bedekken.
Standplaats en bodem
'Queen Victoria' groeit het best in halfschaduw, bijvoorbeeld aan een lichte bosrand of onder bladverliezende heesters. Een humusrijke, koele en goed doorlatende bodem is belangrijk. Tijdens de actieve groei in het voorjaar mag de grond niet uitdrogen, terwijl stilstaand wintervocht en een langdurig natte bodem minder geschikt zijn.
Laat de plant na aanplant bij voorkeur op haar plaats staan en verstoor de rustende wortels zo weinig mogelijk. Snoei is niet nodig; afgestorven blad kan na het intrekken voorzichtig worden verwijderd.
Het bovengrondse deel trekt na de voorjaarsbloei van nature in. Dat is een normale zomerrust en betekent niet dat de plant afgestorven is. De wortels blijven ondergronds aanwezig en lopen het volgende voorjaar opnieuw uit. Markeer de standplaats zodra het blad begint te verdwijnen. Zo worden de rustende wortels niet per ongeluk beschadigd bij het wieden of aanplanten van andere vaste planten.
Een blijvend droge bodem is niet geschikt. Tijdens de actieve groei en bloei in het voorjaar heeft twaalfgodenkruid een koele, humusrijke grond nodig die voldoende vocht vasthoudt. De bodem moet tegelijk goed doorlatend zijn, want langdurig stilstaand water kan wortelproblemen veroorzaken. Op lichte zandgrond helpt een ruime hoeveelheid goed verteerde compost of bladaarde om het vocht beter vast te houden.
Halfschaduw is in Belgische tuinen doorgaans de veiligste keuze. Een plaats met zachte ochtendzon en beschutting tegen hete middagzon houdt de bodem langer koel. Volle zon is alleen bruikbaar wanneer de grond in het voorjaar voldoende vochtig blijft. Op een warme, droge standplaats kan het blad sneller verdrogen en wordt de korte groeiperiode nog verder ingekort.
Combineer deze voorjaarsbloeier met vaste planten die later op gang komen en de opengevallen plaats na de zomerrust bedekken. Varens, hosta's en andere planten voor een humusrijke halfschaduwrijke standplaats zijn daarvoor geschikt, zolang ze het twaalfgodenkruid niet volledig overgroeien. Ook voorjaarsbollen kunnen in dezelfde beplanting worden gebruikt. Houd bij het onderhoud rekening met de ondergronds rustende plant.
Snoei is niet nodig. Laat het blad na de bloei rustig vergelen, zodat de plant reservestoffen kan opslaan voor het volgende voorjaar. Zodra het bovengrondse deel volledig is afgestorven, mag het voorzichtig worden verwijderd. Trek niet aan bladeren die nog stevig vastzitten en spit niet op de plantplaats, omdat de rustende wortels dan beschadigd kunnen raken.