- Alle Produkte
- Sierplanten
- Bomen
- Loofbomen
- DAVIDIA INVOLUCRATA 'LADY SUNSHINE'
- Loofbomen
Davidia involucrata 'Lady Sunshine' onderscheidt zich door zijn brede, lichtgekleurde bladrand. Bij het uitlopen is deze rand geelcrème; later verkleurt hij naar roomwit. De cultivar groeit duidelijk trager dan de gewone zakdoekjesboom en ontwikkelt zich geleidelijk tot een vertakte, bladverliezende kleine boom.
In het late voorjaar verschijnen bij voldoende oude exemplaren de kenmerkende bloemhoofdjes, omgeven door grote witte schutbladen die aan neerhangende zakdoekjes doen denken. Jonge planten bloeien doorgaans nog niet; het precieze moment van de eerste bloei is moeilijk te voorspellen.
Standplaats en bodem
'Lady Sunshine' groeit in zon tot halfschaduw, maar de bonte bladeren kunnen tijdens warme, droge zomers verbranden in felle middagzon. Een plaats in lichte halfschaduw of met bescherming tegen de heetste namiddagzon is daarom het veiligst. Kies een humusrijke, voldoende vochthoudende maar goed doorlatende bodem. Langdurige droogte en stilstaand water zijn beide ongunstig.
Geef tijdens de eerste jaren regelmatig water bij droog weer, zodat de boom goed kan inwortelen. Snoei is doorgaans niet nodig; verwijder alleen beschadigde, dode of storende takken. Door zijn trage groei en opvallende bladtekening komt deze cultivar het best tot zijn recht als solitaire boom.
Dat kan op een bodem die voldoende vochtig blijft, maar een plaats met bescherming tegen de heetste middagzon verdient de voorkeur. De brede, lichtgekleurde bladranden bevatten minder bladgroen en zijn daardoor gevoeliger voor bladverbranding dan volledig groene bladeren. Vooral een combinatie van felle zon, droge grond en warme wind kan bruine bladranden veroorzaken. Lichte halfschaduw geeft doorgaans het meest gave blad. Vermijd diepe schaduw, want daarin kan de groei losser worden en komt de bladtekening minder duidelijk tot haar recht.
Het tijdstip van de eerste bloei is niet nauwkeurig te voorspellen. Zakdoekjesbomen hebben meestal meerdere jaren nodig voordat ze de grote witte schutbladen vormen, en de traag groeiende 'Lady Sunshine' vormt daarop geen betrouwbare uitzondering. Leeftijd, groeikracht, standplaats en herkomst van het plantmateriaal spelen mee. Een jonge boom wordt daarom in de eerste plaats gekozen voor zijn bonte bladeren. Zodra hij voldoende volwassen is, verschijnen de bloemhoofdjes doorgaans in het late voorjaar.
Bruine bladranden ontstaan meestal door uitdroging of bladverbranding. De roomwitte delen van het blad zijn gevoeliger voor felle zon, terwijl een oppervlakkig uitgedroogde bodem de schade kan versterken. Geef tijdens langdurig droog weer ruim water aan de voet en dek de bodem eventueel af met een organische mulchlaag. Zorg tegelijk voor een goede afwatering, want voortdurend natte grond is evenmin geschikt. Wanneer de schade vooral aan de zonnige zijde voorkomt, biedt lichte schaduw tijdens de namiddag doorgaans de beste oplossing.
Een humusrijke, vochthoudende en goed doorlatende bodem is het meest geschikt. De grond mag tijdens het groeiseizoen niet langdurig uitdrogen, maar overtollig water moet wel kunnen wegzakken. Op zware, verdichte grond is het belangrijk de bodemstructuur vóór het planten te verbeteren zonder een afgesloten plantput te maken. Een mulchlaag helpt om het bodemvocht gelijkmatiger te houden. Geef vooral tijdens de eerste jaren water bij droogte; een goed ingewortelde boom kan tijdelijke droge perioden beter opvangen.
Nee. Deze traag groeiende cultivar vraagt weinig vormsnoei en ontwikkelt het best wanneer zijn natuurlijke vertakking behouden blijft. Verwijder alleen dode, beschadigde, kruisende of duidelijk verkeerd geplaatste takken. Vermijd zware terugkerende snoei, want daardoor gaat een deel van de natuurlijke boomvorm verloren en ontstaan vaak sterke nieuwe scheuten. Controleer bij jonge exemplaren wel of er volledig groene scheuten verschijnen. Zulke teruglopende takken kunnen sterker groeien dan de bonte delen en worden daarom het best volledig aan hun oorsprong verwijderd.