- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- CHRYSANTHEMUM INDICUM 'CEDDIE MASON'
- Vaste planten
Diep wijnrode herfstbloei
Chrysanthemum indicum 'Ceddie Mason' is een tuinchrysant met halfgevulde, diep wijnrode bloemen en een duidelijk geel hart. De bloei valt hoofdzakelijk in oktober en november, wanneer veel andere vaste planten al uitgebloeid zijn.
De plant vormt een bossige pol en bereikt doorgaans een hoogte van ongeveer 80 tot 90 cm. Op een voedselrijke standplaats of een plek met veel wind kunnen de bloeistengels wat steun gebruiken.
Standplaats en bodem
'Ceddie Mason' bloeit het best in de zon. Lichte halfschaduw wordt verdragen, maar kan de bloeirijkheid verminderen. Kies een matig vochtige, goed doorlatende bodem. Vooral tijdens de winter is een grond die langdurig nat blijft ongeschikt, omdat dit wortel- en kroonrot kan veroorzaken.
Deze tuinchrysant is in België doorgaans voldoende winterhard op een beschutte, goed gedraineerde standplaats. Een voorjaarsaanplant geeft de plant voldoende tijd om vóór de eerste winter goed in te wortelen.
Onderhoud
De bovengrondse delen sterven in de winter af. Verwijder de oude stengels tegen het einde van de winter of bij het begin van de nieuwe groei. Wie een compactere, sterker vertakte plant wil, kan de jonge scheuten eenmaal toppen in het late voorjaar.
'Ceddie Mason' bloeit in Belgische omstandigheden hoofdzakelijk in oktober en november. Bij zacht najaarsweer kan de bloei meerdere weken aanhouden. De precieze aanvang hangt af van de standplaats en het weer: op een warme, zonnige plek openen de eerste bloemen doorgaans vroeger dan in halfschaduw. Vroege nachtvorst kan de laatste bloemen beschadigen.
Ja, deze tuinchrysant is doorgaans voldoende winterhard in België, mits hij in goed doorlatende grond staat. Langdurig natte wintergrond vormt een groter risico dan lage temperaturen. Plant bij voorkeur in het voorjaar en laat de afgestorven stengels tijdens de winter staan. Bij een late najaarsaanplant kan een losse afdekking met droog blad tijdens de eerste winter nuttig zijn.
Lichte halfschaduw is mogelijk, maar een zonnige standplaats geeft doorgaans de stevigste groei en rijkste bloei. Vermijd een plek waar de plant de hele dag diep in de schaduw staat. Zorg in halfschaduw extra goed voor een luchtige, doorlatende bodem, omdat de grond daar na regen vaak langer vochtig blijft.
De bloeistengels kunnen ongeveer 80 tot 90 cm hoog worden en zijn niet op iedere standplaats volledig stevig. Op een winderige plek of in erg voedselrijke grond kan een discrete plantensteun voorkomen dat de stengels openvallen. Eenmaal toppen in het late voorjaar bevordert de vertakking en kan een compactere plant opleveren.
Knip de afgestorven stengels bij voorkeur tegen het einde van de winter of bij het begin van de nieuwe groei terug tot vlak boven de grond. De oude stengels beschermen de plantkroon enigszins tegen winterweer. Voor een bossigere groei kunnen de jonge scheuten in het late voorjaar eenmaal worden getopt; doe dit niet te laat, omdat de bloei daardoor kan opschuiven.