- Alle Produkte
- Sierplanten
- Sierstruiken
- Bladverliezend
- CHAENOMELES SUPERBA 'CAMEO' PYRAMIDE
- Bladverliezend
Chaenomeles × superba 'Cameo' onderscheidt zich door gevulde, zacht zalmroze bloemen. Ze verschijnen in maart en april op de nog grotendeels kale takken. Als piramide krijgt deze bladverliezende sierkwee een duidelijke, opgaande kegelvorm die zowel in een border als solitair tot haar recht komt.
Plant 'Cameo' bij voorkeur in de zon of halfschaduw. Een goed doorlatende tuingrond is belangrijk; langdurig natte, zware grond wordt minder goed verdragen. Na de bloei kunnen zich harde, gele siervruchten ontwikkelen.
De piramidevorm vraagt regelmatige vormsnoei. Snoei bij voorkeur kort na de bloei en verwijder daarbij vooral scheuten die buiten de gewenste omtrek groeien. Een zware snoeibeurt vóór het voorjaar vermindert de bloei, omdat de bloemknoppen op ouder hout worden gevormd.
Knip na de bloei de scheuten terug die buiten de piramidale omtrek groeien. Beperk de snoei tot wat nodig is om de kegelvorm gesloten en gelijkmatig te houden. Sterke takken kunnen tot op een goed geplaatste zijscheut worden ingekort. Vermijd een zware snoeibeurt in de winter of vlak vóór de bloei, want daarmee worden veel bloemknoppen verwijderd. Bij een jonge plant zijn meerdere lichte correcties doorgaans beter dan één ingrijpende snoeibeurt.
'Cameo' bloeit doorgaans in maart en april. De gevulde, zacht zalmroze bloemen verschijnen grotendeels voordat het blad zich volledig heeft ontwikkeld. Het precieze begin van de bloei verschilt per voorjaar en standplaats. Op een beschutte, zonnige plek kan de bloei vroeger starten dan op een koele of halfschaduwrijke plaats. Een late vorstperiode kan geopende bloemen beschadigen, maar de houtige plant zelf is in Belgische omstandigheden voldoende winterhard.
Ja, deze sierkwee kan in halfschaduw groeien. Voor een rijke bloei krijgt een standplaats met meerdere uren direct zonlicht echter de voorkeur. In diepe schaduw wordt de groei doorgaans losser en kunnen minder bloemen verschijnen, waardoor ook de gevormde piramide minder dicht oogt. Kies daarnaast een plek waar de bodem na regen niet langdurig nat blijft. Een gelijkmatig vochtige maar goed doorlatende tuingrond geeft de beste uitgangspositie.
Na de bloei kunnen harde, gele sierkweien ontstaan. De hoeveelheid verschilt van jaar tot jaar en hangt onder meer af van de bestuiving, de weersomstandigheden tijdens de bloei en de snoei. Regelmatig en sterk vormknippen kan de vruchtzetting beperken doordat uitgebloeide scheuten worden ingekort. De vruchten zijn vooral decoratief en kunnen tot in het najaar aan de plant blijven. Vruchtvorming is bij deze piramidevorm daarom mogelijk, maar niet gegarandeerd.
Een normale, goed doorlatende tuingrond is geschikt. Vermijd vooral plaatsen waar water in de winter langdurig rond de wortels blijft staan, want op zware, drassige grond kunnen wortelproblemen ontstaan. Meng bij een sterk verdichte bodem geen dikke laag fijn materiaal uitsluitend in het plantgat; verbeter liever een ruimere zone zodat regenwater kan wegtrekken. Geef na het planten voldoende water totdat de wortelkluit goed is ingeworteld. Daarna verdraagt een gevestigde plant tijdelijke drogere perioden beter.