- Alle Produkte
- Sierplanten
- Meerjarige vaste planten
- Vaste planten
- CALAMINTHA SYLVATICA 'MENTHE'
- Vaste planten
Bergsteentijm (Calamintha sylvatica 'Menthe') onderscheidt zich door zijn uitgesproken muntgeur. Het groene blad geeft vooral bij aanraking of kneuzing een fris, kruidig aroma af. De plant groeit bossig en blijft met een hoogte van ongeveer 30 tot 60 cm geschikt voor de voorrand van een zonnige border of kruidentuin.
In de zomer verschijnen kleine, lichtpaars tot lila getinte lipbloemen. Ze worden bezocht door bijen en andere bestuivende insecten. De fijne bloei combineert goed met andere vaste planten die een zonnige en eerder droge standplaats verkiezen.
Plant deze bergsteentijm in goed doorlatende grond, bij voorkeur in de zon of lichte halfschaduw. Eenmaal ingeworteld verdraagt hij tijdelijke droogte, maar langdurig natte wintergrond kan tot wortelproblemen en uitval leiden. Op zware bodem is een luchtige, goed afwaterende plantplaats daarom belangrijk.
De bovengrondse delen sterven tijdens de winter grotendeels af. Oude stengels kunnen aan het einde van de winter of vroeg in het voorjaar worden teruggeknipt, voordat de nieuwe groei begint.
Het blad verspreidt een duidelijke, frisse muntgeur wanneer het wordt aangeraakt of gekneusd. Op een warme, zonnige standplaats is het aroma doorgaans het meest uitgesproken. De geur zit voornamelijk in het blad en niet in de bloemen. Daardoor blijft deze eigenschap ook buiten de bloeiperiode merkbaar, zolang de plant bovengronds in groei is.
Ja, een gevestigd exemplaar verdraagt tijdelijke droogte op een goed doorlatende bodem. Jonge planten hebben tijdens het eerste groeiseizoen wel regelmatig water nodig om goed in te wortelen. Langdurig natte grond, vooral tijdens de winter, vormt een groter risico dan zomerse droogte. Op zware kleigrond is een verhoogde of verbeterde plantplaats aangewezen.
Nee. Deze bergsteentijm is een bladverliezende vaste plant waarvan de bovengrondse delen tijdens de winter grotendeels afsterven. De wortelstok overwintert in de bodem en vormt in het voorjaar nieuwe scheuten. Laat de oude stengels eventueel tot het einde van de winter staan en knip ze daarna kort terug.
De kleine lipbloemen leveren tijdens de zomer voedsel aan bijen en andere bestuivende insecten. De plant komt het best tot bloei op een zonnige standplaats. In diepe schaduw wordt de groei losser en blijft de bloei beperkter. Combineer hem bij voorkeur met andere langbloeiende vaste planten om over een langere periode voedsel aan te bieden.
Dat kan, op voorwaarde dat de pot voldoende afvoergaten heeft en met een luchtig, goed drainerend substraat wordt gevuld. In pot droogt de wortelkluit sneller uit dan in volle grond, waardoor tijdens warme perioden extra water nodig kan zijn. Laat geen water in een onderschaal staan en bescherm de pot bij strenge vorst tegen langdurige bevriezing.